Het is vrijdagavond en ik stap op mijn speedpedelec naar Geldermalsen. Voor deel twee van La Bataille de Gaulle, de naam van beide delen samen.
De ondertitel van de eerste film is in het Frans l’Âge de Fer (de ijzeren eeuw of het ijzeren tijdperk) en het deel dat ik vanavond ga bekijken heeft als ondertikel J’écris ton nom (ik schrijf je naam).
Ze hebben ook alternatieve titels nl. Résistance (verzet) en Liberté (vrijheid).
Net als bij de eerste film lopen diverse verhalen naast elkaar.
Dat van generaal-majoor Leclerc en zijn mannen, verzetstrijder Rex en zijn ploeg waaronder Livia en natuurlijk dat van De Gaulle en zijn knarsende diplomatieke onderhandelingen met Churchil en Roosevelt. En zet dat diplomatiek maar rustig tussen haakjes.
Het mooie aan dit epos is dat de Fransen Frans spreken, de Italianen Italiaans, de Duitsers Duits, de Britten Engels, de Amerikanen hun Engels. Het maakt het authentieker, in mijn beleving.
Maar was het ook allemaal echt?
En dat is ook goed aan deze films. Het is echt zo gebeurd. Een paar personages zijn fictief. Livia, in deze film volop in het verzet en die in de eerste film een romance heeft met Fernand Bonnet de la Chapelle? Zij is verzonnen, maar wél gemodelleerd naar bijv. Lucie Aubrac en Germaine Tillion.
Blaise is ook fictief. Hij komt in de eerste film stuntelend binnen als Blazej, een Pool, die door De Gaulle achter de telefoon wordt gezet en consequent Blaise wordt genoemd. Heeft nooit bestaan, maar zorgt zo nu en dan voor een komische noot terwijl hij een soort personal assistant van De Gaulle wordt.
De overige personages kan ik allemaal op Wikipedia opzoeken.
De bekendste zijn natuurlijk De Gaulle zelf, Churchill, Roosevelt, Eisenhower, Montgomery, maar iedereen die om hen heen cirkelt heeft bestaan.
Rex was de verzetsnaam van Jean Moulin. Voor de oorlog was hij prefect van het departement Euro-et-Loir en hij werd al in juni 1940 gearresteerd door de Duitsers omdat hij weigerde een Duits document te ondertekenen. Hij werd later in 1940 uit zijn ambt gezet en voegde zich bij het verzet.
In 1941 komt hij aan in Londen en heeft een ontmoeting met De Gaulle, die hem vraagt de verschillende verzetsgroepen samen te brengen.
Hij wordt op nieuwjaarsdag 1942 geparachuteerd boven Frankrijk. Nog één keer komt hij terug in Londen, in maart 1943. In mei 1943, als hij weer terug is in Parijs, lukt hem om alle verzetsbewegingen een soort van op één lijn te krijgen.
Een maand later wordt hij opgepakt, en ondanks de wrede martelingen, door o.a. de beruchte Klaus Barbie, laat hij niets los. Hij sterft nabij Metz in een trein onderweg naar een concentratiekamp, onherkenbaar geworden.
Leclerc was de schuilnaam en verzetsalias van Philippe François Marie, Comte de Hauteclocque. Tijdens oorlog nam hij de naam Jacques-Philippe Leclerc aan om zijn familie te beschermen. Na de oorlog voegde hij beide namen samen en heette hij officieel Philippe Leclerc de Hauteclocque.
Op 14 mei 1940 wordt hij krijgsgevangen gemaakt, maar ontsnapt. Op 12 juni raakt hij gewond, wordt gevangengenomen en onsnapt. Op 25 juli 1940 is hij in Londen, verband om zijn hoofd en een stok om op te steunen, maar hij is beschikbaar voor de Vrije Fransen van De Gaulle.
Hij is een tijd gouverneur van Kameroen en in 1942 en 1943 vecht hij in de Sahara o.a. bij de Mareth Linie met zijn Force L (ook wel Colonne Leclerc, een militaire eenheid van Vrije Fransen). Hij sluit zich aan bij Montgomery en krijgt later opdracht van De Gaulle zijn Force L om te vormen tot de beroemde 2e Pantserdivisie.
Als het D-day is (6 juni 1944) zal ook Leclerc optrekken, om Parijs te ontzetten. Drie brandstofwagens worden kapotgeschoten en als hij om aanvulling vraagt bij de Amerikaanse legerleiding krijgt hij te horen dat hij niet mag optrekken naar Parijs. Daarmee hadden ze de verkeerde voor zich. Leclerc vraagt zijn mannen de voorraden te rantsoeneren en te verdelen en toch naar Parijs te trekken.
Uiteindelijk krijgt De Gaulle via diplomatieke weg (een foto van een handdruk tussen hem en Roosevelt) Eisenhower zover Leclerc te bevoorraden en zo trekt Leclerc zegevierend Parijs binnen.
In de aanloop naar deze bevrijding waren in Parijs diverse opstanden uitgebroken. Overal waren barricades opgeworpen, er werd geschoten, brand gesticht. Het moet een chaos geweest zijn in die stad.
De film switcht voortdurend tussen de gevechten, de onderhandelingen met de verzetsgroepen en de internationale diplomatie.
De Gaulle zei in 1940 tegen Churchil iets in de trant van ‘Ik ben Frankrijk’ en gek genoeg had hij een beetje gelijk. Een ander woord voor Frankrijk is Gallië, Gaulle in het Frans. Daarom is de titel van de film niet ‘La Bataille de De Gaulle‘ maar ‘La Bataille De Gaulle’.
De Gaulle, standvastig, koppig, ijzerheinig, oncompromisloos, joeg iedereen in de gordijnen. Roosevelt haatte hem, Churchil bewonderde hem heimelijk, maar wel heel onwillig, Eisenhower wilde hem wel helpen, maar was gebonden aan zijn opperbevel.
Zijn onderhandelingen (als je ze zo kunt noemen) met generaal Giraud, de Franse bevelhebber in Noord-Afrika, die zich aan het Vichy-regime commiteerde, zijn natuurlijk heel ernstig, maar het gedrag van De Gaulle werkt op de lachspieren. Maar de tafelgenoten zullen zich gefrustreerd gevoeld hebben.
Een korte tijd hadden de geallieerden te ‘dealen’ met twee Franse autoriteiten die met hen meevochten, Giraud én De Gaulle.
Er kwam toch een compromis, met hen beiden als co-voorzitters van het Comité Français de Libération Nationale (CFLN, Frans Comité van Nationale Bevrijding), maar de rivaliteit bleef bestaan. De Gaulle trok uiteindelijk aan het langste eind.
Het meest bizarre wat ik tijdens deze film hoor, is het plan van de Amerikanen voor de toekomst van Europa. Roosevelt c.s. hadden niet veel op met De Gaulle en Frankrijk, vanwege de koloniën. Volken hadden een zelfbeschikkingsrecht.
Maar vervolgens werden wel 6.000 legerofficieren opgeleid om gouverneurs te worden voor de AMGOT-gebieden (Allied Military Government of Occupied Territories). Frankrijk zou worden verdeeld. Tweederde Frankrijk zou onder AMGOT-regering komen en de rest zou samen met België New-Wallonia moeten gaan vormen. Heel Duitsland en Italia zouden ook AMGOT-gebieden worden.
Uiteindelijk werd Frankrijk meteen na de bevrijding van Parijs weer een souvereine staat, onder De Gaulle, en hij kreeg het zelfs voor elkaar dat Frankrijk één van de bezettende mogendheden werd van de Duitse gebieden, samen met Rusland, USA en Groot-Brittanië.
Ondanks de ernst van de film, zien we grappige momenten voorbijkomen, waaronder een telefoongesprek tussen De Gaulle en Churchill met Anthony Eden als de tussenpersoon, twee telefoons aan zijn hoofd. De Gaulle zien we strak in zijn uniform, Churchill ligt breeduit in bad, sigaar en whisky in de hand, Eden is de verwarde bemiddelaar.
De laatste beelden zijn die van De Gaulle en Churchill die eer betuigen aan de onbekende soldaat bij de Arc de Triomphe.
De regiseur is Antonin Baudry, van 2004 tot 2010 adviseur van Dominique de Villepin, minister van Binnenlandse zaken. Van 2010 tot 2014 was hij cultureel adviseur bij de Franse ambassade in de Verenigde Staten en later in Madrid.
In 2015 werd hij ambassadeur voor Franse cultuur bij het Institut français, maar hij nam al snel ontslag. Hij richtte zich op schrijven en regisseren en in de film kun je inderdaad zien dat hij weet wat diplomatie is.
En dan nog de ondertitel van de film J’écris ton nom.
Tijdens de bevrijding van Parijs in de film horen we een gedicht voorgelezen worden. Het zijn orginele geluidsfragmenten van dichter Paul Éluard (1895-1952), die het schreef in 1941.
Onderstaand citeer ik een paar coupletten:
Sur mes cahiers d’écolier
Sur mon pupitre et les arbres
Sur le sable sur la neige
J’écris ton nom
Sur toutes les pages lues
Sur toutes les pages blanches
Pierre sang papier ou cendre
J’écris ton nom
Sur les images dorées
Sur les armes des guerriers
Sur la couronne des rois
J’écris ton nom
[…]
Sur la santé revenue
Sur le risque disparu
Sur l’espoir sans souvenir
J’écris ton nom
Et par le pouvoir d’un mot
Je recommence ma vie
Je suis né pour te connaître
Pour te nommer
Liberté.
Op mijn schoolschriften
Op mijn bureau en op de bomen
Op het zand, op de sneeuw
Schrijf ik jouw naam
Op elke bladzijde die ik heb gelezen
Op elke lege bladzijde
Steen, bloed, papier of as
Schrijf ik jouw naam
Op vergulde afbeeldingen
Op de wapens van krijgers
Op de kronen van koningen
Schrijf ik jouw naam
[…]
Bij een herstelde gezondheid
Bij een geweken gevaar
Bij een hoop zonder herinnering
Schrijf ik jouw naam
En door de kracht van een woord
Begin ik mijn leven opnieuw
Ik ben geboren om jou te kennen
Om jou te benoemen
Vrijheid.





