Ik til snel mijn fiets op mijn schouder en ren bijna de trappen van het station op. Net op tijd! De trein rijdt binnen en ik kan nog net inchecken. Leuk hoor, zo’n haperende lift.
Gelukkig was de rest van de dag minder enerverend, maar wel weer ontzettend mooi. Ga je mee?
Bij Bunk aan de Catharijnesingel (een voormalige kerk) ga ik aan de koffie en daarna vertrek ik. De hoogbouw laat ik snel achter me om langs de Leidsche Rijn te fietsen, een ontzettend mooi en mij onbekend stuk Utrecht. Molen de Ster staat tussen de stedelijke bebouwing en even later ben ik Oog in Al. Dit stadsdeel heet naar een landhuis van Everard Meyster (die van de kei in Amersfoort) uit 1666. Vanaf zijn huis kon hij de stadsuitbreiding van Utrecht goed in het oog houden.
De Daphne Schippersbrug brengt me over het Amsterdam-Rijnkanaal. Die brug is trouwens uniek in de wereld. Er was niet genoeg ruimte om de stijging te overbruggen, dus kwam de architect met een ingenieuze oplossing. De school naast de brug werd herbouwd en de aanloop naar de brug loopt over de school. Bedenk het maar!
Ik fiets het prachtig aangelegde stadsdeel Leidsche Rijn door en bij station Vleuten mag ik onder het spoor door. Even naar de oude 13e eeuwse woontoren van kasteel Den Ham. Op de foto zetten is onmogelijk, maar het 17e eeuwse poortgebouw is ook mooi.
Kasteel De Haar volgt en dan ga ik het polderland in. Over de Hollandse Kade (de vroegere grens tussen Bisdom Utrecht en Graafschap Holland) en dan via het Houtdijkpad naar de Oude Rijn.
Ik moet even richting Harmelen fietsen voor het kunstwerk ‘Veni, vici, vado’. Het profiel van een soldatenschoen in betonblokken ligt aan de oever van de rivier. Grappig.
Vlak bij Woerden staat in het bos in houten letters het woord LAUR UM. Laurium was de naam van het castellum hier, maar op de Peutingerkaart was op de plek van de letter ‘i’ een gaatje ontstaan. Vandaar dat de kunstenaar ook in het houten woord de letter ‘i’ heeft weggelaten.
In Woerden ga ik op zoek naar de parkeergarage, die trouwens Castellum heet. En hoe gek dat ook klinkt, toch moet ik daar zijn. Niet om mijn fiets te stallen, maar omdat de garage een ‘drive-in museum’ is. Op verdieping -1 (met de kikkers op de pijlers) is informatie te vinden over de Woerden 7, één van de zeven opgegraven (delen van) Romeinse schepen in deze plaats.
Bij de bouw van de parkeergarage (in 2003) werd dit vrachtschip gevonden, een rivierplatbodem van 4.30 m breed en ca 30 m lang, gebouwd uit hout uit Duitsland en Nederland, te dateren op 162/163 nChr. Op de brede pijlers zijn doorsnedes te zien van het schip op de exacte vindplaats plus grote foto’s op ware grootte.
Het meest bijzondere? Het achterstuk van het schip is in een glazen ruimte te zien bij de hoofdingang.
Ik ga naar het Stadsmuseum Woerden in het voormalige stadhuis uit de 16e eeuw. Op de bovenverdieping wordt de geschiedenis van Woerden uit de doeken gedaan en het eerste stukje gaat uiteraard over de Romeinse. Pronkstuk is een paradehelm uit één stuk messing.
Na de lunch is het tijd om terug te gaan. Eerst langs de molen de Windhond, want daar staat een kopie van de hier gevonden altaarsteen, gewijd aan zonnegod Helagabalus en de godin van wetenschap, weefkunst en krijgskunst Minerva. Het origineel had ik al het museum gezien.
P.S.I.C.T.A.HA
A.A.P.
SOLI.[nvicto] HELAGA
BALO ET MINER[vae]
L.[ucius] TERENTIVS
BASSVS S[ignifer] COH[ortis]
III.BREVCOR
Tot heil van imperator Ceasar Titus Aelius Hadrianus Antonius Augustus Pius [heeft] L[ucius] Terentius Bassus, vaandeldrager van de derde cohors van de Breuci [dit altaar gewijd] aan de zonnegod Helagabalus en Minerva.
Deze steen geeft aan hoe groot het Romeinse rijk was. De Breuci waren een stam uit de Balkan.
Langs de Korte Linschoten kom ik in Linschoten, een dorpje met smalle straatjes, bruggetjes en mooie huizen. Bij Harmelen fiets ik weer langs de Oude Rijn die in De Meern aansluit op de Leidsche Rijn. Deze Rijn is een kanaal dat deels stamt uit de late middeleeuwen, deels de 17 eeuw. Aangelegd om de Rijn ten westen van Utrecht te vervangen. De Rijn was dusdanig gaan meanderen dat deze onbevaarbaar was geworden. De naam stamt uit de 17e eeuw, toen langs het kanaal een jaagpad werd aangelegd voor de trekschuiten tussen Utrecht en Leiden.
In De Meern staat Castellum Hoge Woerd, een modern castellum exact op de fundamenten van het Romeinse castellum dat hier is opgegraven. Om die fundamenten niet te beschadigen is gekozen voor lichte compartimenten van staal en hout. Het dient als multifunctioneel centrum, met een theater, café, stadsboerderij en… een museum.
In de Houtkamer van het museum zijn diverse vondsten uit De Meern te zien, zoals een stuk van een wachttoren (die buiten gereconstrueerd is), maar ook blokken hout waarop in de jaarringen belangrijke gebeurtenissen zijn aangetekend.
Maar grote trekpleister is De Meern 1, tentoongesteld in de grote hal van het museum. Door de grote omlopende hellingbaan kun je het schip van alle kanten goed bekijken.
Deze grote rivierpraam werd in 1997 al ontdekt bij de aanleg van de woonwijk Leidsche Rijn en in 2003 in zijn geheel geborgen, omdat het dreigde te vergaan. De romp is gebouwd uit drie grote eikenbomen van 25 meter lang, die gedateerd zijn op 148 nChr of 6 jaar eerder of later. Het schip is in zijn geheel naar Lelystad gebracht waar het in twee delen is geconserveerd met polyethyleenglycol.
Bijzonder is dat dit schip niet zoals andere gevonden schepen is afgezonken om een kade of oever te versterken. Nee, het schip is vergaan op de rivier en gezonken. Over het lot van de schipper en zijn knecht zullen we nooit iets te weten komen, maar over hun leefwereld des te meer.
Waarom? Juist omdat het schip verging, was alles nog aan boord. De kajuit is wel deels vergaan, maar er was nog een bedbank, de kookplaat was er nog, een emmer, timmergereedschap (disselhamers, blokschaven, beitels, een houtboor en een koevoet, spijkers), schoenzolen, een kastje met paneeldeurtjes, een spanen doosje.
Ik ben vreemd geroerd bij het zien van deze persoonlijke spullen.
Ik kijk op de klok. Oei, het is al bijna sluitingstijd. Als ik op de NS planner kijk, heb ik nog een kleine 15 minuten om naar het station te fietsen. Ik red dat op tijd, maar dan werkt de lift niet. Heb ik dat.
Wat is een castellum?
Een castellum is een fort voor hulptroepen (Latijn: auxilia) van het Romeinse Rijk. Er verbleven zo’n 500 tot 1000 man, infanterie en ruiterij, bijvoorbeeld een viertal centuriae (pelotons) voetsoldaten van honderd man en twee vendels van dertig cavaleristen. Castella werden onder andere langs de limes in Nederland gebouwd. Ze worden onderscheiden van de castra, de legerplaatsen van de legioenen, waar ruim 5.000 man konden verblijven. In een klein castellum konden zo’n 500 tot 600 soldaten wonen. In een groot castellum konden zo’n 5.000 tot 6.000 soldaten wonen.
Bron Wikipedia
Deze castella waren allemaal op dezelfde manier ingericht. In de vorm van een rechthoek, met twee straten door het midden. Alles stond in ieder castellum op dezelfde plaats. Heel efficiënt, omdat daardoor een soldaat makkelijk op een andere plek kon worden ingezet.


Onder zicht op de Oude Rijn, de Limesbrug, kunstige graffiti


Onder de molen met altaarsteen en een close-up van die steen.







