Dat vind ik nou zo leuk aan Nederland. Dat het landschap en hoe dat landschap werd gebruikt de inrichting bepaalt, zelfs eeuwen later nog.

De dijk die dwars door het stadje loopt ligt hier deels al bijna 1000 jaar. De dijk was nodig om het achterland te beschermen tegen het water van de rivier die hier heel breed was en de zee naderde.
Die dijk was ook een probleem, want het liet ook geen water uit en daarom werden vaarten en vlieten gegraven die het water moesten afvoeren. In de dijk werden luchten of sluizen gebouwd. Elk dorp groef een eigen vaart die uitkwam op de rivier. En hier, in deze plaats, resulteerde dat in twee vlieten die vlakbij elkaar lagen en nog steeds liggen.

Ieder dorp had een eigen sluiswachter in dienst, eerst natuurlijk voor het spuien van water, maar later ook voor het doorlaten van scheepvaartverkeer. En waar schepen liggen te wachten, ontstaat negotie en bedrijvigheid aan de wal. Winkeltjes, taveernes, noem maar op en uiteindelijk ontstond een dorpje rondom de beide sluizen.
En het dorpje kreeg de naam van het gebied dat hier uitwaterde: Maeslantsluys.


Het is zaterdag en ik pak de trein naar Schiedam en dan de metro, richting de kust. En ik stap uit in het stadje waar Abraham Kuyper en Maarten ’t Hart zijn geboren, dat het toneel was van het Psalmenoproer en van waaruit Coppelstock op Brielle voer. Ook zou Marnix van Sint-Aldegonde hier het Wilhelmus hebben geschreven.
Ik ben meerdere malen op de fiets hier geweest, maar dan over de sluis naar de rivier en dan naar Rozenburg aan de overkant of naar zee, naar Hoek van Holland. Nog nooit het stadje zelf in. Tot vandaag!


Vanaf 1614 krijgt Maeslantsluys stadsrechten en het mag dan door het leven als Maassluis. Nu wonen er ca 36.000 mensen, maar het oude centrum heeft de tijd goed doorstaan.
Ik loop langs het Hellinggat. Overal zie ik oude pakhuizen staan. Aan het eind verbreedt het water zich en links en rechts van een rijtje huizen zijn twee sluizen in de hoge dijk: westelijk de Monstersche sluis en oostelijk de Wateringse sluis.

Achter de sluis ga ik steil naar beneden naar de vlieten, de Zuidvliet en de Noordvliet. Ik loop even bij de VVV naar binnen en dan ga ik op weg naar… de Groote Kerk. Het is vandaag Maassluis Ahoy! en in de stad, of liever bij de haven, is er van alles te beleven. Waaronder een orgelconcert in de Groote Kerk.

Rien Donkersloot is sinds kort organist van deze kerk en ik heb het orgel nog nooit live gehoord.
De Groote Kerk is gebouwd op de voormalige schans van Maassluis. Die schans was aangelegd onder leiding van Marnix van Sint-Aldegonde, maar nog voor de voltooiing in 1573 werd deze door Spanjaarden veroverd. In 1624 werd de schans afgebroken om plaats te maken voor de kerk. Die kerk ligt daarom niet in het centrum, maar net er buiten en zelfs buitendijks.

De Groote Kerk was in 1639 klaar, en werd gebouwd ter vervanging van de kleine kerk. Maassluis leefde van de visserij, vooral de haringvangst, en de kerk werd gebouwd door heffing op de haringvangst. De kerk is gebouwd naar het voorbeeld van de Noorderkerk in Amsterdam, in de vorm van een Grieks kruis, maar het heeft nog wel gotisch aandoende spitsboogvensters.
De vieringtoren was helaas te zwaar en daarom is in 1650 een westtoren tegen de kerk gebouwd. Daarin hangt een carillon, waarvan ik later op de dag nog geniet tijdens mijn stadswandeling.


Het orgel van de Groote kerk is gebouwd tussen 1730 en 1732 door Rudolf Garrels, een leerling van Arp Schnitger, de beroemde Duitse orgelbouwer. Opdrachtgever was Govert van Wijn, een rijke Masssluizer. Op zijn 90ste verjaardag mocht Van Wijn het orgel voor het eerst beluisteren.

Rien heeft gekozen voor een programma met water in de hoofdrol: twee delen uit Handels Watermusic,van Bach diens Christ, unser Herr, zum Jordan kam. Scheepje onder Jezus’ hoede van Jan Zwart kan niet ontbreken. Van Mendelssohn het Venentiaans Gondellied en Yiruma een pianostuk: River flows in you. Wat klinkt dat mooi op orgel.
Rien eindigt met de Piet Hein Rhapsodie van Van Anrooy, waarmee hij het hele orgel aan ons kan voorstellen.
Een mooi begin van mijn middag Maassluis.


Op naar het museum Maassluis, waar ik niet alleen meer leer over de geschiedenis, maar ook een bijzondere tentoonstelling over waanzin bezoek. Na de lunch ga ik aan de wandel. Langs de beide vlieten, over de dijk en uiteraard naar het Scheur.
Maassluis ligt nl. officieel niet aan de Nieuwe Waterweg, maar aan het Scheur.
Hier liggen allerlei sleepboten. Met sommige ervan kun je tegen betaling mee het water op. Volgend jaar misschien, want voor nu wordt het te laat.

Ik keer op mijn schreden terug naar het Hellinggat, waar nu nog één scheepshelling is. Ik passeer de Koepaardbrug, die zo heet omdat er beelden van een koe en een paard staan. Deze brug stamt uit 1956 en de beelden staan symbool voor de handel en nijverheid waaraan Maassluis na de afname van de visserij nieuwe voorspoed ontleende. Net als trouwens aan de zeesleepvaart, de zeebergingsdienst en de loodsdienst.

In de binnenhaven liggen een paar museumschepen, de Hudson, de Furie en de Tonijn. Langs de lage kade staan o.m. het Gemeenlandshuis van Delfland, Huis Coppelstock en het oude stadhuis. Bijzonder aan deze panden is dat ze twee hoofdgevels hebben, hier aan het water en boven aan de dijk.
Over de hoge dijk loop ik naar de molen en onderlangs terug, naar de dr Kuyperkade.

Maassluis is nog steeds doorsneden met water, maar onder aan de Zuiddijk liep vroeger de Zuidgeer en door de Nieuwstraat en de Markt liep ooit ook water.

Ik bewonder nog even het standbeeld van Kuyper, tegenover de Immanuëlkerk, een wederopbouwkerk uit 1954, op de plek van de vroegere Noorderkerk. Maassluis werd in de 1943 getroffen door een geallieerd bombardement, bedoeld voor de olieraffinaderij Witol in de Heldringstraat. Vermoed werd dat daar machineolie voor de Duitse oorlogsindustrie werd geproduceerd. Een noodlottige misrekening zorgde er voor dat de bommen op de woonwijk 200 meter vóór Witol terechtkwamen. 18 bewoners kwamen hierbij om het leven.

Groote Kerk, middenonder Garrels-orgel
scheepsmodellen in Museum Maassluis, linksboven schilderij Groote Kerk, middenonder Govert van Wijn, schenker van het orgel
Museum Maassluis: tentoonstelling over waanzin
Boven vlnr: de Gouwe Leeuw aan de Fortegracht, gevelsteen Gouwe Leeuw, pakhuis.
Onder: mooi oud pand, zicht op de Groote Kerk, zicht op de Noordvliet.
grote foto: zicht de op panden aan de Hoogstraat, overige foto’s van boven naar beneden naar links: oudste huis van Maassluis, gevelhout (geen gevelsteen) uit pakhuis, zicht op het Hellinggat, een oude woning, het pakhuis met het gevelhout
Boven vlnr zicht op de enig overgebleven scheepshelling, diverse pakhuizen.
Onder koe en paard op de Koepaardbrug en zicht vanaf deze brug
aan de Buitenhaven en het Scheur
Rechtsonder de Furie, van onder naar boven naar rechts: de Getijdenklok, de Zure Vissteeg, pakhuizen, vloedstenen
Boven wapens bij de Wateringse sluis, het Gemeenlandshuis aan het water, midden, zicht op de Hudson, sluiswachtershuisje Monstersche Sluis, onder Gemeenlandshuis aan de Hoogstraatzijde, een huis met gevelsteen
Langs de Zuiddijk
Boven vlnr: het rioolgemaal uit 1915 en de Bloemhof
Onder: het grootste oude pand langs de Zuidlviet, zicht op de Wateringse Sluis en een oud pand aan de Zuidvliet
Zicht op de Vlieten, een pand aan de Markt en het standbeeld voor Kuyper

Plaats een reactie