Koning
Zijn vader had een bijna mythische status als soldatenkoning, omdat hij het leger van Pruisen uitbreidde en versterkte. Zijn regiment Lange Kerls ofwel de Potsdamer Reuzen boezemde ontzag in. Hiervoor zocht hij heel Europa af naar mannen die ‘sechs preußischen Fuß’ lang waren (1.88 m).
Maar als vader was hij minder gelukt. Zijn zoon en beoogd opvolger speelde liever met zijn zus dan met tinnen soldaatjes, kreeg slaag toen hij van zijn paard viel, bij koud weer handschoenen droeg of de Latijnse vervoegingen oefende. Op zijn verjaardag kreeg hij een kanon, geen hobbelpaard. Hij had een hekel aan jagen, schreef gedichten, leerde dwarsfluit spelen en het door zijn vader verachte Frans.
Tussen vader en zoon ontstond een vreemde en gespannen verhouding, zozeer zelfs dat hij op 18 jarige leeftijd vluchtte om een gedwongen huwelijk te ontlopen.
Na heel wat verwikkelingen trouwde hij alsnog op 20 jarige leeftijd met een vrouw die hij na zeven jaar huwelijk niet meer kon luchten of zien.
Wat hem wel gelukkig maakte? Lezen, musiceren. Elke avond, soms zelfs op het slagveld, musiceerde hij van zeven tot negen uur, alleen of met anderen. Hij had ruim 20 musici in dienst die hun eigen werken, maar ook die van hemzelf ten gehore brachten.
Hij liet in Potsdam een schitterend paleis bouwen, Sanssouci, ‘Zonder Zorg’.
In 1740 volgde hij zijn vader op als koning (als Frederik II) en ook hij trok ten oorlog, net als zijn vader. En zo bezette hij in 1745 Saksen inclusief Leipzig.

Componist
In Leipzig, naast de Thomaskirche, woonde kapelmeister Bach en op zekere dag werd hij ontboden naar Potsdam bij Berlijn. Het is 1747 en Bach is 62 jaar. Hij moet naar de bezetter toe. Het zal even slikken geweest zijn, maar zoon Carl Philip Emmanuel was clavecinist aan het hof en hij zal de carrière van zijn zoon niet in gevaar hebben willen brengen.
Het bezoek werd zorgvuldig voorbereid door Bach’s vriend en beschermheer Von Keyserlingk, juist vanwege de politieke gevoeligheden.
En zo stijgt Bach in een koets, samen met zoon Wilhelm Friedemann. Leipzig-Potsdam is een afstand van zo’n 140 tot 160 kilometer. Een koets deed daar toch zo’n vier tot misschien wel zes dagen over, afhankelijk van de begaanbaarheid van de wegen en de conditie van de paarden. Dat is inclusief overnachtingen.
Maar op de avond van 7 mei 1747 krijgt Frederik II, zoals gebruikelijk, de lijst met pas aangekomen vreemdelingen overhandigd en hij roept zijn gezelschap toe: ‘Mijne heren, de oude Bach is er’.

Bach wordt meteen uitgenodigd om voor de koning te spelen op het dan nieuwste muziekinstrument: de piano-forte. De koning heeft een thema bedacht dat hij aan Bach voorspeelt en waarop Bach à la minute wordt geacht een fuga te improviseren. En zo gebeurt. De koning is onder de indruk, Bach volgens zeggen niet en hij belooft de koning het thema verder uit te werken in een compleet werk.

Musicalisches Opfer
Bach werkte het thema van koning Frederik II uit in een imposant muzikaal geschenk aan de koning. Heeft de koning het ooit gespeeld of beluisterd? Vast niet, want eigenlijk hield hij niet van die ouderwetse contrapunt-muziek waar Bach zo geniaal in was, en ook niet van canons, waar dit stuk muziek grotendeels uit bestaat.
Bach maakt twee fuga’s, in dit stuk ricercar genoemd (een verouderde benaming voor fuga, maar dat heeft een reden), negen canons, een canonische fuga en een vierdelige sonate.

Bach laat het werk op eigen kosten drukken en draagt het op aan de koning. Bach schrijft zelf het voorwoord in pluimstrijkende en bloemrijke taal. Ik citeer een klein stukje:
Allergenadigste Koning,
Aan uwe majesteit draag ik hierbij in allerdiepste onderdanigheid een muzikale offerande op, waarvan het eerste deel van uw hoogverheven hand zelf afkomstig is. Met een eerbiedig genoegen herinner ik mij nog de heel bijzondere koninklijke gunst, enige tijd geleden, tijdens mijn aanwezigheid in Potsdam, toen Uwe majesteit zelf, mij een thema voor een fuga op het klavier voorspeelde, en mij tegelijk allergenadigst opdracht gaf die in Uwe aanwezigheid onmiddellijk uit te voeren
.

Schilder
Vader was muziekdocent en moeder zangeres en hij speelde uitstekend viool en toch koos hij voor de schilderkunst, zeer tegen de zin van zijn ouders. Hij werd afgewezen op de academie van München en ging daarna privélessen nemen. Toen hij alsnog naar de kunstacademie ging, spijbelde hij veel en leerde hij weinig. Hij ging vervolgens op reis naar Rome, Napels en Florence waar de vroegchristelijke en byzantijnse kunst veel indruk op hem maakte. Hij ontwikkelde zich daarna als autodidact.
In de eerste wereldoorlog hoefde hij niet naar het front, maar beschilderde hij vliegtuigen. Hij kreeg na de oorlog een baan aan het Bauhaus in Weimar, maar onder de nazi’s werd hij tot ontaard kunstenaar verklaard.
Het werk van Paul Klee is niet onder één noemer te vangen. Expressionisme, surrealisme, kubisme, abstractie, pointillisme? Zeg het maar.
Een terugkerend thema in zijn werk was de muziek, zijn eerste liefde. Een aantal van zijn werken heeft ook titels die daarop duiden: Fuga in Rot, Polyfonie, Alter Klang en zelfs Im Bachsen Stil.

Synesthesie
Toen ik een keer iemand op TV hoorde vertellen dat hij kleuren kon horen of muziek kon zien, vond ik dat vreemd. Maar als je erover gaat nadenken, is het misschien niet zo heel vreemd.
Volgens Wikipedia is synestesie het neurologische verschijnsel waarbij een zintuiglijke waarneming ongewild één of meerdere andere zintuiglijke indrukken oproept. En verder (nogmaals Wikipedia) dat hoewel het niet ongewoon is dat zintuigelijke waarnemingen onderlinge invloed hebben, dit bij synesthesie dusdanig sterk is dat bijvoorbeeld kleuren geproefd worden of geluiden gezien.

Hoe het in elkaar zit? Er bestaan vele verbindingen tussen de hersengebieden die gespecialiseerd zijn in verschillende soorten waarnemingen. Bij de geboorte zijn deze bij iedereen aanwezig, maar tijdens de ontwikkeling worden delen van deze verbindingen verbroken, maar niet bij iedereen. Bij een synestheet blijven sommige verbindingen intact en dat leidt tot gelijktijdige waarneming van eigenschappen die bij andere zintuigen horen.

Klee droomt Bach
Maar vanmiddag kan ik, zonder synestheet te zijn, iets meemaken van kleuren horen en muziek zien.
Ik ben afgereisd naar Goes op deze eerste dag van het jaar. Relaxt in de trein, boek mee, oortjes in. Na een korte rondwandeling door Goes sta ik voor de imposante Maria Magdalenakerk. Zoals gebruikelijk met deze grote middeleeuwse kerken, was de bouw een langjarig traject. In 1470 begon men met het koor, in 1506 met het dwarsschip en het schip. In 1618 brak er brand uit omdat de dakdekker zijn vuur niet goed had bewaard. In 1621 was de kerk herbouwd, maar nog steeds in de laatgotische stijl waarmee de bouw begonnen was.

De orgelkas is nog van het orgel in 1641-1643 dat gebouwd werd door William Deakens uit Engeland. Ook zijn nog twee registers uit die tijd aanwezig. Het orgel is in de loop der jaren aangepast aan de smaak van de tijd. Maar in de jaren 1950 werd besloten tot aanschaf van een volwaardig concertorgel en zo staat er nu een Marcussen-orgel in de oude kas.

En dit orgel staat vanmiddag dubbel in het centrum van het concert. Arno van Wijk speelt delen van Bach’s Muscalisches Opfer en een paar fuga’s op het orgel en het orgelfront zelf is het canvas voor een projectie van de schilderijen van Paul Klee. Met behulp van algoritmes hebben musicus en beeldend kunstenaar Johan Luijmes, videokunstenaar Marcel Wierckx en musicus Pieter Ouwerkerk de schilderijen van Paul Klee ontleed en in pixels gevat en die pixels weer aan klanken verbonden.
Als het orgel bespeeld wordt, vangt een microfoon de verschillende klanken op en deze worden dan verbeeld op het orgelfront.

En zo kunnen we kleuren horen en muziek zien, in een kerk die donkerder en donkerder wordt. Het laatste stuk is Ricercar 6, een zesstemmige fuga waarbij Ad Parnassum wordt verbeeld op het orgelfront. Dit schilderij uit 1932 is in pointillistische stijl en dat laat het videobeeld op een geweldige manier zien. Het lijkt wel een sterrenhemel, en daarna wordt het beeld voller en voller en tenslotte is het orgel niet meer te zien. Alleen maar kleur, alleen maar muziek.

Ricercar
Waarom Bach de verouderde benaming ricercar gebruikte in plaats van het moderne fuga? Dat lijkt me wel duidelijk. Hij maakte van ricercar een acrostichon, een lettervers: Regis Iussu Cantio Et Reliqua Canonica Arte Resoluta. Dat betekent Op gezag van de koning, is de melodie (het thema) uitgewerkt en is de rest geschreven op de canonische wijze.
Misschien een beetje spot van Bach? Hij wist best dat de koning niets zou doen met zijn geschenk, maar hij wilde wel geweten hebben dat hij zijn klassieken kende en dat hij muziek maakte zoals hij dat wilde. Tenminste, dat is wat ik denk.

En weet je, wat ik dan weer zo grappig vind? Als Frederik Bach niet had ontboden, hadden wij hier misschien niet gezeten. Wie zal het zeggen?




Plaats een reactie