Koud en zonnig is het. Sjaal, muts en handschoenen zijn wel nodig. In Den Bosch ga ik eerst op zoek naar een plekje om te lunchen. Erwtensoep en warme chocolademelk met slagroom, welja, waarom niet. Vanmorgen extra vroeg begonnen met werken en nu heb ik een lang weekend voor de boeg.
Vorige week met de concerten van Cappella Pratensis, kwam ik te weten dat drie van de Bossche Koorboeken bewaard worden in het Zwanenbroedershuis. En daar heb ik vanmiddag een rondleiding geboekt.
Ik ben te vroeg en ga daarom de Sint Jan even binnen. Even een kaarsje opsteken, de ramen bewonderen en dan naar de Mariakapel. De Zoete Lieve Moeder van Den Bosch wordt ze genoemd. Zij en het kindje dragen met hermelijn afgezette wintermantels. Het is een komen en gaan van mensen die kaarsjes voor haar opsteken. Honderden vlammetjes flakkeren in de stille kerk.
Om iets voor twee uur ben ik bij het Zwanenbroedershuis. Het 19e eeuwse pand is in neogotische stijl opgetrokken, zachtgeel met op de top een zwaan en halverwege de gevel vier beelden uit 1962 van musschelkalksteen. Die stellen voor: Willem van Oranje, de eerste Oranje die Zwanenbroeder werd, Gijsbertus van der Poorten, schenker van het Zwanenbroedershuis, Gerardus van Uden, oprichter van de Broederschap en graaf Floris van Egmont (grootvader van Anna van Buren), die ook Zwanenbroeder was.
1318
Even ruim 700 jaar terug in de tijd. In 1318 wordt het statuut opgesteld van de Illustre Lieve Vrouwe Broederschap. Illustre betekent beroemd en dat slaat op Maria. In de Middeleeuwen was Maria de benaderbare middelares geworden, tussen de almachtige en alziende God en de nietige en zondige mens.
De Broederschap bestond toen al een tijd maar werd in 1318 geïnstitutionaliseerd. Zorg voor de armen en de verering van Maria waren het doel. Ze kwamen bijeen in de toenmalige Mariakapel van de Sint-Jan, de huidige Sacramentskapel. Daar stond een prachtig altaar en werd de mooiste muziek ten gehore gebracht. Muzikanten en componisten kregen opdracht voor uitvoering en schrijven van muziek.
Leden
In het begin waren het vooral geestelijken die lid waren. Gezworen broeders waren dat, die een priesteropleiding hadden afgerond. Daarnaast konden ook niet-geestelijken lid worden, eerst alleen Bosschenaren, later ook zgn. buitenleden, mannen en vrouwen.
Op enig moment waren er wel 30.000 leden, tot ver buiten de Nederlanden. Waarom? De gezworen broeders zouden na je overlijden bidden voor je zielenheil en de paus had een aflaat beloofd aan iedereen die de broederschap ondersteunde met gelden. Het was een soort investering in het hiernamaals.
Huis
In 1484 verhuisde de Broederschap van de kapel naar de huidige plek aan de Hinthamerstraat. Gijsbert van der Poorten had zijn pand De Pauw aan de Broederschap nagelaten. In 1538 werd het pand in Renaissance-stijl verbouwd. Maar helaas, achterstallig onderhoud zorgde ervoor dat het in de 19e eeuw vrijwel was ingestort.
1642
De 80 jarige oorlog liep op een eind, maar die Broederschap was katholiek in een gereformeerde wereld. Wat nu? Opheffen? Of openstellen voor niet-katholieken? En de Mariaverering dan?
Er kwam een radicale herziening van de statuten. Geen Mariaverering meer, geen buitenleden meer, nog maar 36 broeders waarvan 18 protestant en 18 rooms-katholiek. Een hele vroege vorm van oecumene.
Vandaag de dag zijn er drie Zwanenbroeders: de koning, prinses Beatrix en prinses Irene. Er zijn proosten (de bestuurders), een regerend proost (de voorzitter, zeg maar), 36 gewone broeders en dan nog ca 120 kandidaat-broeders, candidandi (kandidaat-kandidaten) en honoraire broeders (ouder dan 72 jaar).
Doelstelling: elkaar ondersteunen bij tegenslag, maar ook en vooral ondersteuning van maatschappelijke doelen als dak- en thuislozen en een hospice. Volgens hun motto: als een lelie tussen de doornen. Goed doen temidden van alles wat fout is/gaat.
Sicut lilium inter spinas
Motto Zwanenbroeders
Huis 2
Koning Willem II heeft in 1842 6000 gulden geschonken voor de herbouw van het huis, een zesde van de bouwkosten. Het is een prachtig neogotisch pand geworden. Ik ben de enige gast en krijg zodoende een privérondleiding.
Wat opvallende zaken:
- Een 15e eeuws glas, geschonken door Maximiliaan I van Habsburg. Hij had een buitenechtelijke dochter verwekt bij een Bossche dame. Een broeder had moeder en dochter opgevangen en als dank werd dit glas geschonken.
- Een schilderijtje van die dochter, Barbara Disquis. Als 15-jarige trad ze in in het Sint-Geertruiklooster. Haar vader heeft haar daar meermaals bezocht.
- Leden hebben allemaal een stoel in de eetkamer met daarop hun familiewapen geborduurd.
- In de kleine schatkamer staan restanten van het altaar uit de kapel in de Sint-Jan.
- Jeroen Bosch, de beroemde schilder, was lid van de broederschap.
- Er liggen drie koorboeken in het huis. De andere zes zijn elders ondergebracht. Wat een pracht, om dat zo met eigen ogen te zien.
- In 1883 gaf de Broederschap opdracht aan de Porceleyne Fles in Delft voor 600-delig servies. Achteraf de redding van deze fabrikant van Delfts blauw.
Zwaan
Ja, en dan die naam. Waarom een zwaan? Wel, de broeders organiseerden broederschapsmaaltijden en vanaf 1394 was zwaan op tafel te vinden als gerecht. Meestal geschonken door een lid van de hoge adel die daarop de naam Zwanenbroeder kreeg. Al vrij snel verviel de koppeling tussen schenken van een zwaan en de naam Zwanenbroeder, maar de naam beklijfde: de broederschap had voortaan twee namen.
En is zwaan lekker? Volgens mijn gids niet: taai, droog en erg naar traan smakend. Hooguit is een jong dier nog te pruimen.








