“God schiep de aarde, behalve Nederland, want dat deden de Nederlanders zelf.”

Deze uitspraak wordt aan diverse personen toegeschreven zoals Descartes en Voltaire, maar de herkomst schijnt toch weer anders te zijn. Maakt ook niet zoveel uit. Het lijkt wel te kloppen.

Moet je je voorstellen: de delta lag keurig beschermd tegen het water met een kussen van dik veen. Jager-verzamelaars gingen hun gang en vertrokken ook weer. Vanuit het oosten komen sedentaire stammen dit gebied binnen. Ze willen zich vestigen maar dan wel eerst een slootje graven, zodat het teveel aan water weg kan. En de turf die uitdroogt? Da’s mooi meegenomen. Hebben we brandstof. En zo zijn we eeuwen later nog steeds bezig slootjes te graven.

Het is natuurlijk een versimpelde voorstelling van zaken, maar ik heb vandaag door het Groene Hart gefietst. Van Muiden naar Berkel en Rodenrijs. En ik heb zoveel water gezien, zoveel bruggen en bruggetjes, en sluizen.

In Muiden rinkelden de bellen van de Groote Zeesluis, waar de Vecht het IJmeer instroomt. En dan Smal Weesp, Gein, Amsterdam-Rijnkanaal, Vinkeveense Plassen, Nieuwkoopse Plassen, Ziende, Oude Rijn, Gouwe.

En dat is het water waarvan ik de namen weet. Er zijn talloze slootjes, sloten en weteringen die ik gepasseerd ben waarvan ik de naam niet ken of die geen naam hebben.

Het water staat overal hoog, en dat is deels om funderingen te behouden, deels om de dijken niet te laten uitdrogen.

Soms is het hoogteverschil tussen waterloop en naastgelegen land erg groot. Meters verschil, zelfs.

In Nederland kun je nooit denken: we zijn klaar. Nee, er is altijd waakzaamheid geboden.

Even een duik in heel verre geschiedenis:

In de Vroege Middeleeuwen werd Holland alleen bewoond op hogere duingronden langs de kust en op oeverwallen langs de rivieren. De rest bestond uit vrijwel onbewoonde veengronden.

Rond het jaar 800 werd een begin gemaakt met de ontginning van de metersdikke uitgestrekte veenkussens.

De bevolkingsgroei vanaf de 10e eeuw zorgde voor een toename van de behoefte aan landbouwgronden. Er kwamen ook meer arbeidskrachten beschikbaar die landbouwgronden konden ontginnen. De Vikingen stopten rond het jaar 1000 hun plundertochten, waardoor de rust terugkeerde.

In de 11e eeuw kwam de ijzeren keerploeg in zwang en werd de bewerking van zwaardere grond mogelijk en kon er dieper geploegd worden, wat zorgde voor een betere bodemvruchtbaarheid. Het drieslagstelsel (afwisseling van gewassen per stuk land) werd steeds meer gebruikt, dus minder misoogsten en een gevarieerder voedselaanbod. Het ossenspan werd langzaam vervangen door paarden met halsters. En de zaaizaadfactor steeg enorm.

De Grote Ontginning vond plaats van de 10e eeuw tot en met de 13e eeuw in het gebied tussen het IJ in het noorden, de duinen in het westen, de Lek en de Waal in het zuiden en de Kromme Rijn, de Utrechtse Vecht en het Gooi in het oosten. Bij deze ontginningen was er veel meer controle van de toenmalige autoriteiten: de graven van Holland en de bisschoppen van Utrecht.

De ontginningen gingen gepaard met bodeminklinking en dus werd het noodzakelijk om polders en afwatering in te richten. Dit werd gedaan door polderbesturen. Onder invloed van veranderingen in het grafelijk recht en bestuur gingen vanaf de 13e eeuw deze lokale polderbesturen samenwerken, en dat leidde uiteindelijk tot de waterschappen. Het eerste officiële waterschap was het Hoogheemraadschap van Rijnland, dat in 1255 werd ingesteld door graaf Willem II van Holland. Het Hoogheemraadschap van Schieland dateert van 1273 en dat van Delfland van 1289. Graaf Floris bepaalde dat zijn afgevaardigde in Rijnland dijkgraaf zou heten. Die titel werd later algemeen overgenomen.

Bijzonder, hè, dat de 21 waterschappen die Nederland nu nog kent al teruggaan op deze lange geschiedenis.

Ik trakteer mezelf op een avondje orgelmuziek en stap dus weer op de fiets. In Delft maak ik natuurlijk een klein ommetje en bewonder ook het Gemeenlandshuis uit 1506, een prachtig laat Gotisch huis, dat gebruikt werd door de dijkgraaf van het Hoogheemraadschap van Delfland, het waterschap dat gesticht is in 1289 door Floris V.

Na het heerlijke concert door Ben van Oosten in de Oude Kerk van Delft trap ik weer naar mijn B&B, met de beroemde Toccata van Widor in mijn hoofd.


102 km gefietst maakt samen 814 km.


2 reacties op “Waterland”

  1. Bert Van loon Avatar
    Bert Van loon

    Toch nog weer een leerzaam verhaal bij een landschap, zo sterk bepaald door menselijk ingrijpen

    Like

    1. Spirit Avatar

      Dank! Is zo leuk om dat allemaal uit te pluizen.

      Like

Plaats een reactie