De imposante Lakenhal aan de Oude Singel in Leiden oogt grijs en mistroostig op deze donkere decemberdag. Ik ga gauw naar binnen, waar het droog en warm is. De oude Lakenhal heeft een modene aanbouw in baksteen en daar is een tentoonstelling over een mysterieuze schilder.
I.S.
Meer weten we niet. Zelfs niet of het een man of een vrouw was. Wel weten we dat er in elk geval 30 schilderijen aan I.S. worden toegeschreven, sommigen met het monogram I.S., anderen zonder.
De schilderijen die vandaag in de Lakenhal te zien zijn, bestrijken een tijdsbestek van zo’n 25 jaar, tussen 1630 en 1655, en ze laten de ontwikkeling van deze schilder zien. En zijn ongelooflijke oog voor detail.
In de tentoonstelling hangen de werken niet op chronologische volgorde, maar als ik aan het eind van de tentoonstelling alle werken nogmaals langsga en de data bekijk, zie ik duidelijk de ontwikkeling van deze mysterieuze schilder.
Het eerste werk van I.S. op de tentoonstelling doet mij heel erg aan 16e eeuwse schilderijen denken: een geleerde in zijn studeerkamer, rode mantel, weinig uitgewerkt gezicht, maar wel het monogram I.S. Zijn laatste werken zijn fijnzinnige portretten van mannen en vrouwen, met een ongelooflijk oog voor detail, maar ook met respect voor de afgebeelde mens. Hun lichamelijke gebreken zijn niet karikaturaal afgebeeld.
Van de 30 werken die aan hem zijn toegeschreven, hangen er hier 16, telkens gepaard met tegenhangers uit het oeuvre van Rembrandt, Dou en Lievens.
De zwart-met-nachtblauwe zaal zorgt ervoor dat je je goed kan focussen op de schilderijen en met behulp van Lakenhal-app krijg ik in mijn oren gefluisterd waar ik op moet letten.
Leiden
I.S. wordt in deze tentoonstelling gecombineerd met Leidse schilders: Dou, Lievens en Rembrandt zijn alle drie in Leiden geboren en getogen. En dat is niet toevallig. De thematiek uit zijn vroege werk -geleerden in hun studeerkamer, verzonken in gedachten, omringd met schedels, kaarsen en boeken- is in Leiden heel geliefd. Leiden staat in de 17e eeuw bekend als stad van kennis. Sinds 1575 staat hier de eerste universiteit van Nederland en deze heeft internationaal aanzien. Leiden heeft een bloeiende boekenmarkt en de kunsten tieren hier welig.
Een populaire voorstelling is die van de geleerde in zijn studeerkamer, precies datgene waarmee I.S. zijn oeuvre begint.
Gezichten
Van Rembrandt en Lievens is bekend dat zij het menselijk gelaat met karakter en emotie vastleggen, een destijds nieuwe manier van kijken, van nauwkeurig observeren. Zij portretteren opdrachtgevers, maar maken ook tronies, schilderijen van bestaande mensen maar niet bedoeld als portret, maar als een studie van emoties.
I.S. doet iets vergelijkbaars, maar gaat een stapje verder. De schilderijen in de tentoonstelling lijken echte mensen af te beelden. Misschien als een portret in opdracht, maar waarschijnlijk is dat niet. I.S. heeft een bijna wetenschappelijk aandacht voor de details en de emoties in de gezichten.
Eén van de schilderijen lijkt eenzelfde man af te beelden als Lievens en Rembrandt hebben afgebeeld. Dat zou natuurlijk goed kunnen, als I.S. in Leiden woonde, werkte of studeerde.

Handel
Bijzonder aan I.S. is dat zijn schilderijen een band met Noord- en Oost-Europa lijken te hebben. Het afgebeelde bont, de kledij, soms zelfs het gezicht, het lijkt een connectie te hebben met de Oostzee-regio.
Destijds was er een levendige handelsrelatie tussen de Lage Landen en de Oostzee-gebieden en waar handelswaren worden uitgewisseld, wordt ook cultuur uitgewisseld.
Speculaties te over: kwam I.S. uit het Oostzeegebied en werkte hij in Leiden? Of kwam hij uit Leiden en had hij connecties daar? Was het een koopman of een student met uitzonderlijk artistiek talent? Wie zal het zeggen?
Eigenlijk vind ik het heel bijzonder dat uit een tijd waarin toch al erg veel werd vastgelegd -denk aan doop-, trouw- en begrafenisboeken, studentenadministraties, gildeboeken- er geen snippertje informatie over deze I.S. te vinden lijkt.
De schilderijen van I.S. zijn over de wereld verspreid geraakt. Sommigen zijn verloren gegaan, of lijken dat terwijl anderen in privé-collecties bewaard zijn gebleven.
Misschien dat meer onderzoek het mysterie kan ontrafelen. Wie weet?
PS: lees hier verder over mijn dag.
Wat is een lakenhal?
Een lakenhal (in Vlaanderen ook wel lakenhalle), eerder ook wel (ge)wanthuis of (ge)wandhuis en in het Latijn aangeduid als Domus Pannorum, is een gebouw dat zijn oorsprong kent in de middeleeuwen als handels- en stapelplaats voor het laken. In sommige plaatsen vonden er ook keuringen plaats en werd de kwaliteit van het laken bevestigd door de toekenning van een lakenlood.
De benaming wanthuis (Duits: Gewandhaus) komt van de wantsnijders. Dit waren kooplieden, die laken opkochten per baal, of gesneden (geknipt). Partijen geknipt laken bewaarde en verkocht men opgevouwen (Duits: gewendet of gewunden, verleden tijd: wand). Wantsnijders konden zich vooral in het huidige Duitsland tot machtige gilden verenigen en gingen vaak deel uitmaken van het stadsbestuur.
In steden in België, Nederland en Frankrijk fungeren de nog bestaande voormalige markthallen meestal als museum of tentoonstellingsruimte en zijn er enkele in gebruik genomen als stadhuis. In Duitsland is er een aantal als concertzaal of theater in gebruik, zoals het Gewandhaus in Leipzig waar het Gewandhausorchester haar naam aan ontleent.
Bron Wikipedia







