Op station Dordrecht blijkt de trein richting Vlissingen vertraging te hebben en dus kan ik die net nog halen. Joepie. Soms is vertraging niet heel erg. Vanavond zal ik daar anders over denken, maar zover is het nog niet.

In het hofje tegenover de merkwaardige kerken bij de Lange Jan is het tijd voor koffie mét. Middelburg werd op 17 mei 1940 gebombardeerd en bij herbouw werd zorgvuldig gekeken hoe nieuwbouw in de oude binnenstad moest worden ingepast. Dit hofje is een prachtig voorbeeld van de Delftse school dat harmonieert met de omgeving.

Abdij
Ik steek het plein over naar het complex van de voormalige Abdij van Middelburg: de Onze Lieve Vrouwe Abdij. Begin 12e eeuw was hier al een klooster. Het mooie van dit complex is dat je goed kunt zien hoe groot zo’n klooster was, maar ook dat het niet in één keer werd gebouwd. Telkens werd een stuk aangebouwd of verbouwd, soms zelfs gesloopt en herbouwd met een ander doel.
Van verre is dit complex te herkennen aan de Lange Jan, de bijnaam van de Abdijtoren, daterend uit de 2e helft van de 14e eeuw. Met 90.4 m is hij nummer 10 op de lijst met hoogste kerktorens.

Ik wandel door de kerkgebouwen. De Koorkerk was voorheen de Adbijkerk. De Nieuwe Kerk is de vroegere Sint Nicolaaskerk, parochiekerk van Middelburg. Grotendeels verwoest in 1568 bij een brand en daarna herbouwd. Tussen beide kerken is de Wandelkerk, vroeger onderdeel van de Abdijkerk, nu een ontmoetingsplaats met kunst en vitrine’s met kerkelijke objecten. Ook staat er het praalgraaf van de luitenant-admiralen Johan en Cornelis Evertsen, broers, geboren in Vlissingen die beiden aan boord van De Walcheren sneuvelden tijdens de Tweede Engelse Zeeoorlog (1665-1667). Cornelis was 56 jaar toen hij stierf en daarna werd zijn broer Johan opgeroepen om hem op te volgen. Hij stierf anderhalve maand later, 66 jaar.

Museum
Ik loop door de prachtige kloostergang en -tuin en dan het grote binnenplein over naar het Zeeuws Museum. Voor de tentoonstelling DARN. Tegenwoordig wordt kleding niet of nauwelijks hersteld als het beschadigd is. We zijn de tijd vergeten waarin textiel kostbaar was. Kleding werd zelf met de hand gemaakt en bij schade werd er gerepareerd, gestopt, geappliceerd en geborduurd om dit te verbergen of te herstellen.
In de 19e eeuw is onderwijs voor meisjes gericht op hun toekomstige rol als moeder en verzorgster van een gezin. Meisjes tussen de 11 en 16 jaar werden onderwezen in armenhuizen, burgerweeshuizen, diaconiescholen, Franse scholen en particuliere avondscholen. Handwerk is op elke school een verplicht vak. De haak-, brei-, naai-, stop- en borduuroefeningen worden jarenlang onderwezen, en hierbij wordt gekeken naar leeftijd én naar klasse. Meisjes uit lagere standen leren repareren en stoppen omdat textiel kostbaar is en zo lang mogelijk intact moet blijven. Meisjes uit welgestelde gezinnen leren vooral ‘textiel- verfraaiende handwerken’ zoals borduren. Zij hoeven later niet hun eigen kleding te maken of te herstellen.
Wat wel voor alle meisjes geldt: oefenen, oefenen, oefenen. In de zaal kan ik diverse bewaard gebleven stoplappen zien, prachtige voorbeelden van hoe textiel kan worden gerepareerd. De kleurige vlakjes in diverse borduurtechnieken zijn een lust voor het oog. Wat je niet ziet is, hoe vaak een meisje opnieuw moest beginnen, totdat het borduurwerk perfect was. Bloed, zweet en tranen moet het gekost hebben.

Ik bewonder een wand van tientallen papieren kledingmodellen, gemaakt door Mina Verhaagen in de Tweede Wereldoorlog en net erna, toen stof schaars was. Met vloeipapier kon toch een beeld worden geschetst van het patroon, zonder dat het stof kostte. Maar wat een gepriegel moet dit zijn geweest, en hoe vaak zal Mina opnieuw zijn begonnen, omdat het papier scheurde?

Darn (ENG):
1.a) Een gat in textiel repareren (ofwel: stoppen) met naald en garen. (Werkwoord) 1.b) Een gestopt gat. (Zelfstandig naamwoord) 2.) Term van frustratie en/of verbazing, verbastering van Damn`. Milde krachtterm, Engelstalig equivalent van ‘verdorie’.

Orgel
Toen ik mijn dag aan het plannen was, keek ik ook even op de orgelagenda en ja, hoor, er is een orgelconcert in Middelburg. In de Nieuwe Kerk. David Strijbis zal concerteren op het grote orgel.
Bij het bombardement van 1940 was het orgel verloren gegaan. In het Rijksmuseum hing een kas van Duyschot uit 1693, van een orgel dat tot 1884 in de Oude Lutherse Kerk van Amsterdam hing. Het binnenwerk was verloren gegaan. De kas werd voorzien van een nieuw orgel door Van Leeuwen en in 1954 opgeleverd in Middelburg. Met de beperkte middelen van die tijd leverde hij een veelzijdig orgel op. Inmiddels heeft de buitenkant zijn 17e eeuwse glorie terug na restauratie in 2001 en de binnenkant is in 2004 niet alleen gerestaureerd maar ook uitgebreid.
David heeft een programma samengesteld met muziek van drie componisten. Een prelude en fuga in H (BWV544) van Bach, dan de befaamde hangende tuinen van Alain en hij eindigt met vuurwerk van Dupré, diens Trois Préludes en Fugues. Genieten op een zaterdagmiddag. Heerlijk!

Kerk
Ik had mijn fiets meegenomen en dat is niet voor niets. Het was vrij fris vanmorgen en er viel zo nu en dan motregen, maar nu is het lekker buiten. Niet te warm, niet te koud, alleen die wind!
Ik zit aan de kust, het land op Walcheren is vlak en plat, maar gelukkig zijn er veel windsingels en bosschages langs de wegen en paden en ik fiets een lange slingerende route langs.., ja, langs wat?
Kerken! Tenminste, plaatsen die op kerke eindigen. En daarvan zijn er hier in de gemeente Veere veel te vinden. Het lukt me om ze op één na allemaal langs te fietsen.

  • Hoogelande
    Het eindig niet op kerke, maar is wel een bijzonder verdwenen dorpje, nu een buurtschap met een paar boerderijen, een kapel en een intacte kerkring, een cirkelvormige straat rond de kerk. In 1189 werd hier een Sint-Martinuskapel gesticht, in de 15e eeuw vergroot tot een kerkje, tijdens het beleg van Middelburg (1572-1572) grotendeels verwoest, alleen het koor bleef staan.
  • Koudekerke
    Het grootste dorp van de gemeente Veere met een perfecte ring om de kerk. De kerk is een merkwaardig neogotisch vierkantig gebouw uit de 17e eeuw. De voorganger werd medio 17e eeuw gesloopt en vervangen door deze toen ouderwets aandoende kerk. De deuren staan open, mannen sjouwen met stoelen en tafels en ik mag even binnenkijken. Morgen krijgen ze een nieuwe predikant, vandaar de bedrijvigheid.
  • Biggekerke
    Langs vijf enorme betonnen kazematten van het Landfront Vlissingen (onderdeel van de Atlantikwal) fiets ik naar Biggekerke. Ik heb de pech dat er een evenement is en dus door het centrum moet wandelen. De naam heeft niets met varkens te maken, maar is een persoonsnaam. Het zou de heilige Begga van Landen kunnen zijn, waaraan ook de eerste kerk was gewijd. De kerk die er nu staat, dateert deels uit 1400 (toren en een stuk van het koor), deels uit begin 17e eeuw toen de kerk werd herbouwd in een oudere stijl.
  • Meliskerke
    Dit dorpje werd in 1235 voor het eerst genoemd als Meilofskerca, maar werd ook wel Hugekerke genoemd. De kerk in het centrum is de Sint Odulphuskerk en ik schrik bijna van de uiterste moderne aanbouw uit 2011, maar ik zie wel dat het past bij het gebouw. De kerk stamt uit de tweede helft van de 14e eeuw.
  • Sint Janskerke
    Net voor dit ‘gekrompen dorp’ staat ’t Hof Sint Janskerke, een grote boerderij. Het dorpje had een kerk die gewijd was aan Sint Jan, maar die werd in de 80 jarige oorlog verwoest.
  • Boudewijnskerke of Buiskerke
    Ik fiets snel door Zoutelande. De zon komt behoorlijk door en het wordt druk op de wegen naar het strand. Bij Boudewijnskerke (Zeeuws Buiskerke) verlaat ik de duinen. Naast de weg ligt een vliedberg van 9 meter hoog die Boudewijnskinderen heet en uit de 12e eeuw dateert. Tot begin 20e eeuw stond hier het restant van de Sint Nicolaaskerk, verwoest tijdens het beleg van Middelburg (1572-1574).
  • Poppekerke
    Waren er bij Boudewijnskerke nog wat gebouwen, Poppekerke is een kruising van landweggetjes en een doorkijkbord met daarop de kerk. Op Topotijdreis zie ik nog een vierkantje (waar de kerk stond) en een sterretje (de afgegraven vliedberg). In de jaren 1930 is alles wat er nog stond van het dorp gesloopt, maar onder de akkers bevinden zich nog steeds de fundamenten van het oude klooster en de gesloopte huizen.
  • Aagtekerke
    De Sint Agathakerk bestaat uit een 15e eeuwse toren, een 17e eeuws schip en een 19e eeuwse aangebouwde school en consistorie. De kerk is open en ik loop even naar binnen. Lichtgrijs en wit en bruin, sober en toch fraai.
  • Mariekerke
    Het gekrompen dorpje heeft twee verschillende plaatsnaamborden en bezit nog de kerkring, maar geen kerk meer. De kerk was gewijd aan Maria, vandaar ook de plaatsnaam.
  • Grijpskerke
    De naam komt of van een inmiddels onbekende persoonsnaam of van ‘gariep’ dat landstreek betekent (vgl. het Friese Hurdegaryp). Midden in het dorp staat een vierkante tweebeukige kerk, met een 14e eeuwse zuidbeuk, een 15e eeuwse noordbeuk en een 18e eeuwse uitbreiding. Omdat de kerk open is, ga ik toch snel even naar binnen. Binnen voel ik me even gedesoriënteerd omdat de kerkinrichting dwars op de beuken staat. Via de Jacob Catsstraat verlaat ik het dorp. Het blijk dat vadertje Cats jarenlang in kasteeltje ’t Munnikenhof woonde, net buiten de huidige dorpskern.
  • Serooskerke
    Op naar de laatste kerk. Het dorp werd in de 12e eeuw voor het eerst vermeld als Alartskintskerke, vanaf de 13e eeuw al ‘s-Heer Alartskerke. Dat verbasterde tot Serooskerke. Net als het op Schouwen gelegen dorp met dezelfde naam, was het dorp eigendom van het geslacht van Tuyl van Serooskerken. De Johanneskerk is de oudste kerk op mijn tocht van vandaag, uit de 12e eeuw. De 15e eeuwse toren is onvoltooid. Bij het (inmiddels fameuze) beleg van Middelburg verloor de kerk het koor.

Landschap
Door het prachtige Walcherse landschap fiets ik op Middelburg aan. Kleverskerke gaat niet lukken, helaas. Vandaag heb ik veel over slingerende wegen gefietst die wel op dijkweggetjes leken. Toch zijn ze dat niet. Walcheren bestond uit slikken, schorren en kreken. De schorren en slikken overspoelden met zeewater uit de kreken. Klei werd afgezet op de veenlagen, de kreken verzandden en verlandden. Klei en veen klinken in, zand niet. Hierdoor kwamen de voormalige kreken hoger te liggen. Op deze kreekruggen zijn wegen aangelegd en hierlangs kwam ook bebouwing.
Overal in het landschap zijn vliedbergen terug te vinden, kunstmatige heuvels, waarvan men tegenwoordig vermoedt dat deze zijn aangelegd als motteheuvel voor een mottekasteel en niet als vluchtheuvel. Behalve in Borssele is er echter op geen enkele vliedberg iets teruggevonden van een mottekasteel. Trouwens van zo’n kasteel moet je je niet teveel voorstellen. Het was een palissade om een houten toren op de heuvel. Het dagelijkse leven speelde zich daar niet af, maar ‘beneden’ in nabijgelegen boerderijen.

De dag heeft lang genoeg geduurd en ik ga naar het station. Helaas! Door inzet van hulpdiensten is er een enorme vertraging ontstaan. Er valt een trein uit en uiteindelijk ben ik om kwart voor elf thuis. Ach ja…

Hoogelande
Koudekerke
Landfront Vlissingen
Biggekerke
Meliskerke
Sint Janskerke, Boudewijnskerke en Poppekerke
Aagtekerke
Mariekerke
Grijpskerke
Serooskerke

Plaats een reactie