Als ik Strava afsluit, blijk ik ruim 14 km te hebben gewandeld, alleen voelt het als veel meer.
Vanmorgen had ik niet zoveel zin om wat te doen, maar uiteindelijk besloot ik met de trein naar Zaandam te gaan en vandaar terug te wandelen naar station Amsterdam Sloterdijk. Maar niet zomaar. Ik heb wel degelijk een doel.
Den Hem
Langs het water wandelen is altijd mooi, zelfs in een zo verstedelijkt gebied als rondom Amsterdam. Als ik eenmaal de grote weg gepasseerd ben, kom ik langs een bushalte met de merkwaardige naam Delftse Rij. Er liggen overal schepen en boten afgemeerd, aan de overzijde van het kanaal zie ik een grote cruiser met ervoor een prachtige driemaster. Plezier- en beroepsvaart wisselen elkaar hier af. Links zie ik de eerste grote gebouwen achter hekken, dan een lange rij rijtjeshuizen (de Delftse Rij zal ik later te weten komen) en dan ben ik er.
Het is hier nog steeds rustig al was het er ruim 150 jaar geleden natuurlijk nog een stuk rustiger. Het heette hier Den Hem, een oude buurtschap op een landtong. Zo’n landtong die buitendijks lag en later bedijkt werd (en dus een polder werd) wordt in Holland, West-Friesland en Friesland een him of hem genoemd.
In 1875 ging de schop in de grond. Het Noordzeekanaal werd gegraven. Er kwam een spoorlijn tussen Amsterdam en Nieuwediep (zoals Den Helder toen nog heette) en die stak hier het kanaal over met een brug die de naam Hembrug kreeg. Er kwam zelfs een spoorweghalte.
In 1983 werd de Hemspoortunnel geopend en sindsdien is er alleen nog maar een veerverbinding.
A.I.
En nee, dat betekent niet Artificiële Intelligentie, maar Artillerie Inrichtingen. In 1677 richtte Willem III de Staatse Affuitmakerij op in Delft. Er was ook een Grof Geschut Gieterij in Den Haag en de Geweerfabriek in Culemborg. Alles om een situatie zoals in het Rampjaar 1672 te voorkomen. Een leger moet niet alleen manschappen hebben, maar ook wapens.
In Delft ontwikkelde het bedrijf zich goed, de nadruk kwam te liggen op vuurwapens, later ook explosieven. Er was zelfs een kleine smelterij voor gietstaal.
In Delft was geen ruimte meer en men zocht een nieuw terrein. Het moest binnen de Stelling van Amsterdam liggen, de redoute van de Nederlandse defensie.
De keuze viel op het Hemveld bij Zaandam, want daar stonden al wat marineloodsen. Ook lag het aan het water en naast een spoorlijn waar een eigen halte werd gebouwd.
In de loop van de eeuw die volgde werd het terrein bebouwd met grote en kleinere gebouwen, meer dan 500 in totaal. Er werd continu gebouwd, verbouwd, gesloopt, herbouwd en nu staan er nog zo’n 100 gebouwen en gebouwtjes in alle bouwstijlen die je maar kunt bedenken. Dat bouwen en herbouwen was nodig om aan de eisen van het productieproces van nieuwe munitie en artillerie te kunnen voldoen.
Via IZI heb ik een rondwandeling met uitleg gedownload en zo loop ik in het zonnetje over dit bijzondere stuk industriële en militaire geschiedenis dat nu een broedplaats is van culinaire en kunstzinnige ondernemers.
Geheim
Natuurlijk waren sommige gebouwen vanaf het water wel te zien, maar toch werd alles behoorlijk goed geheim gehouden. Personeel had een geheimhoudingsplicht. Er was een plofbos, waar ‘beproevingen’ gedaan werden. Het kleibos absorbeerde het geluid van de ontploffende granaten. Het is niet toegankelijk omdat er mogelijk nog onontplofte munitie ligt en juist deze omstandigheden zorgen er voor dat het een bijzonder ecosysteem is geworden.
Stelling van Amsterdam
Deze stelling is gebouwd tussen 1880 en 1914. Forten, dijken en sluizen werden in een grote kring rondom de hoofdstad aangelegd, 135 kilometer lang. Er was landbouwgrond (de helft van de Haarlemmermeer) en er was dus ook een wapenfabriek.
Het is nooit in stelling gebracht.
Delft
Bij de verhuizing van Delft naar Zaandam gaat ook personeel mee en voor hen wordt aan de Havenweg een lange rij huizen gebouwd, die daarom in de volksmond de Delftse Rij wordt genoemd.
De fabriek is een goede werkgever met gunstige sociale voorzieningen, maar het is wel een militair bedrijf, zeer hiërarchisch ingericht. Er is duidelijk verschil tussen productiemedewerkers en hoogopgeleid technisch personeel. Ieder stand heeft een eigen kantine en eigen in- en uitgangen. Losse werkkrachten staan onderaan in de rangorde. Losse flodders worden ze genoemd.
Verboden Terrein
Het Hembrugterrein was destijd geheel verboden gebied. Ook nu staan overal hekken en veel daarvan zijn nu de hele dag open, maar destijds sloten hoge hekken het terrein af van de buitenwereld. Zelfs wie er werkte mocht niet overal komen.
Het is ook gevaarlijk terrein. Er ligt munitie opgeslagen en er worden proeven gedaan met springstoffen. Houd je je niet aan de veiligheidseisen, dan word je op staande voet ontslagen.
Eurometaal
Ik loop langs het spuuglelijke jaren ’80 voormalige hoofdkantoor van Eurometaal. In 1973 besloot de regering de A.I. op te splitsen in Eurometaal en Gereedschap Werktuigen Industrie ‘Hembrug’.
Eurometaal produceerde de militaire goederen zoals granaten, en Hembrug precisiegereedschapswerktuigen. In 1983 werd Hembrug geprivatiseerd en het verhuisde naar Haarlem.
Eurometaal richtte zich ook op de civiele markt, maar kwam ook in de problemen met wapenleveranties aan mogelijk minder frisse klanten. Uiteindelijk werd het opgekocht door een Duitse bedrijf.
Erfgoed
In 2003 sluit de fabriek. De gebouwen moeten bezemschoon worden opgeleverd, de machines geveild. Dozen vol archiefstukken, foto’s en documenten komen in de containers. Een oud-medewerker probeert te redden wat er te redden valt en daarom is er nu het kleine Hembrug Museum. Dit museum is in de open lucht, gratis te bezoeken, bij twee gebouwtjes. Daar leer ik dan ook wat zo’n fabriek maakte als wapens niet zo gewild waren (in vredestijd). O.a. driewielertjes en speelgoedkranen.
Museum of Humanity
In de oude harderij van het terrein is dit bijzondere museum gevestigd. Hier hangen op allerlei formaat en materiaal foto’s van Ruben Timman.
Als Timman in 2001 in Vietman is droomt hij dat hij door Kofi Annan wordt rondgeleid in een ‘museum der mensheid’ in een enorm vervallen gebouw. Hij bedenkt dat hij zoiets moet opzetten, maar dan in een mooi goed verlicht gebouw.
In 2015 verhuist hij zijn studio naar het Hembrugterrein en daar ziet hij zijn droom: het vervallen hoofkantoor van het terrein. Uiteindelijk krijgt hij zijn museum in een ander gebouw.
Ik betaal de entree (inclusief verse muntthee) en loop verwonderd rond. Het gebouw is nog geen ruïne, maar veel scheelt het niet. Er is geen water, geen licht, sommige ramen zijn kapot, de muren bladderen af, er ligt stof en zand op de vloer. En het maakt een overrompelende indruk.
Mensen kijken me aan, overal waar ik kijk. Van over de hele wereld staren ze naar mij, of staar ik naar hen?
Spoorlijn
Ik loop langs de voormalige expeditieloods. Op een klein stukje rails staat een wagon. Als ik later aan de overzijde van het kanaal sta zie ik daar nog meer stukken rails.
Lijn K of Staatslijn K was en is de lijn tussen Den Helder en Amsterdam. Reden voor de aanleg was de bevoorrading van de marinehaven in Den Helder, zodra het Noordhollandsch Kanaal bevroren was.
De eerste Hembrug werd in 1878 in gebruik genomen, twee vaste delen met een draaibaar middendeel.
In 1907 kwam er een nieuwe brug. Het Noordzeekanaal werd verbreed en dus moest er ook nieuwe brug komen. Het beweegbare deel van de brug was 127.9 meter lang. In twee minuten kon de brug worden opengedraaid.
In 1907 werd ook halte Hembrug geopend, voor personeel van Hembrug, Bruynzeel en Norit. Er waren geen loketten en geen stationsgebouw, alleen een houten wachthokje. Er waren ook nauwelijks treinen, alleen in de spitsuren. In 1982 werd de halte gesloten, een jaar voor de tunnel openging.
De draaibrug werd afgebroken. Op het Hembrugterrein ligt nog een stuk van de draaikrans van de brug, met de jaartalsteen.
Als ik met de Hempont het Noordzeekanaal oversteek, wordt net de Agatha Christie langsgesleept. Aan de overzijde zie ik stukjes havenspoorlijnen, restanten van de oude spoorlijn.












