Mijn moeder vond het altijd mooi om naar een dirigent te kijken. Natuurlijk was het haar ook om de uitvoering te doen, maar ze kon enorm genieten van een dirigent in actie. Vanavond zat ik op het puntje van mijn stoel om de dirigent aan het werk te zien. Ze lacht, zingt mee, spoort aan met grote en soms vrijwel onzichtbare bewegingen, danst soms bijna over het podium, speelt clavecimbel terwijl ze met één hand of met haar hoofd het orkest dirigeert. Wauw!
Ik ben in Musis in Arnhem voor de opera Dido en Aeneas van Henry Purcell, een barokke opera uit 1688. Purcell leefde maar kort. Hij stierf al op 36 jarige leeftijd. Net als zijn vader en zijn oom was hij in dienst bij de Royal Chapel. De koortraditie van het oude Elizabethaanse Engeland werd bij hem verweven met invloeden van ‘nieuwe ‘ Franse en Italiaanse muziek.
Zo waaide ook de opera over. Henry heeft er meerdere geschreven, maar Dido en Aeneas is de bekendste, vooral vanwege de slotaria.
Opera betekent gewoon ‘werken’, van het Latijnse ‘opus‘ en is een vorm van muziektheater ofwel klassieke muziek en toneel gecombineerd.
Het verhaal
Aeneas is Troje ontvlucht en arriveert in Carthago waar Dido koningin is. Ze wordt verliefd op Aeneas en haar zus Belinda (tevens haar dienares) moedigt haar aan.
Dan komen de heksen in actie. Die hebben een hekel aan Dido omdat ze een geliefde koningin is en het haar en de stad Carthago goed gaat. De heksen zetten een plan in werking om de ontluikende liefde tussen Dido en Aeneas te dwarsbomen.
Ze weten dat als Aeneas door Jupiter wordt gesommeerd terug te komen om Troje op te bouwen, hij zal vertrekken. En wat ze ook weten is, dat Dido dan zal sterven.
Één van de heksen verschijnt als Mercurius aan Aeneas en zegt namens Jupiter te spreken. En Aeneas gaat.
Maar hoe vertelt hij het Dido?
Zijn manschappen maken zich klaar en vertellen hun liefjes aan wal dat ze echt terug komen, maar zo kan Aeneas zich er niet vanaf maken. Hij gaat naar Dido toe en bezegelt hun lot.
Hij pleit nog bij Dido dat hij Jupiter niet zal gehoorzamen, maar het is te laat. Dido is zo boos op hem, dat ze hem niet meer wil zien.
De uitvoering
Ik zag op het puntje van mijn stoel. De opera werd voorafgegaan door dansmuziek van Purcell, die typische barokke dansmuziek.
Met bewondering kijk ik naar de slagwerker die van alle markten thuis is. De grote trom en de kleine, tamboerijn en beltrom, castagnetten en zelfs een bijzonder scherm waarmee hij krakende bliksem kan laten horen.
Het orkest bestaat uit een variëteit van spelers. Van klavecinist tot gambist, klarinetist en violist en bassist en net als de dirigent gaan ze onstuitbaar door.
De koorzangers en de solisten zijn allemaal jong en spelen en zingen op een aanstekelijke manier. Opera vergt niet alleen zangkunst maar ook acteertalent. En dat is er vanavond. Mij vallen vooral de heksen op, die imponerend en angstaanjagend zijn in hun zang en spel.
De koorzangers wisselen telkens van kant gedurende de opera. Dan zijn ze toeschouwers bij de verliefde Dido, nu kijken ze aanbiddend en angstig naar de heksen, en plots zijn ze de manschappen van Aeaneas die gaan inschepen.
Wat het koor zingt is heel aanstekelijk en ligt vrij makkelijk in het gehoor. Ik kan me voorstellen dat in Purcell’s tijd de koorpartijen met hun herhalingen door de aanwezigen werden meegezongen.
‘When I am laid in earth’. Het prachtige en ontroerende Dido’s Lament wordt door de zangeres zo overtuigend gezongen, dat het ontroert.
Dido staat vervolgens vol in het licht, als het koor zingt over de engelen die haar komen halen. ‘With drooping wings’.
Het blijft even doodstil als het hele podium in het donker wordt gehuld en dan barst de volle zaal los in een langdurige staande ovatie die meer dan verdiend is.


