Bach: volgens Max Reger het begin en het einde van alle muziek. Straks zitten in Nederland vele kerken en concertzalen weer vol met mensen die aandachtig naar zijn Matthäus Passion luisteren. Om Paul Witteman te citeren: ‘Als muziek een religie is, dan is Bach mijn God.’ Eigenlijk een soort heilige zelfs, misschien?
En Arnold Janssen, een echte heilige, waarvan velen nooit gehoord zullen hebben. Zijn bronzen sarcofaag staat in een aan hem gewijde kapel van het klooster van zijn orde.

Maar eerst Bach.
Gisteren was het Bach’s geboortedag, tenminste als je de Juliaanse kalender aanhoudt, die in 1685 gold. Reden voor een feestje. In Dordrecht.

In de Grote Kerk van Dordrecht is op vrijdagavond een orgelconcert: Bach by candlelight.
Sinds 2007 staat er in deze kerk een Bach orgel, een stijlkopie van het werk van de beroemde orgelmaker Gottfried Silbermann. Inspiratie hiervoor waren nog bestaande orgels in Duitsland van deze bouwer en zijn tijdgenoten, waaronder orgels die door Bach zelf zijn bespeeld.
Cor Ardesch speelt hierop twee Prelude’s & Fuga’s, nl. BWV544 en BWV532. Er tussenin het prachtige ‘O Mensch, bewein dein Sünde gross. Een ontroerend mooie prelude op dit koraal voor de lijdenstijd.

Dan krijgt Jaap Zwart het stokje overgedragen. Hiervoor gaan de lichten in de kerk weer aan en ogenknipperend lopen we van het Mariakoor waar het Bach orgel staat, naar het schip van de kerk. Op het Kam-orgel wordt het concert vervolgd.
De orgelkas is een beetje misleidend. Het is de oude kas uit 1671, echt zo’n groot Hollands stadsorgel. Maar de binnenkant is in 1859 geheel vernieuwd, door Kam uit Rotterdam. Korte tijd later zijn er zoveel gebreken dat er al gerestaureerd moet worden. Bätz-Witte uit Utrecht krijgt hiervoor de opdracht in 1869. Net voor de Tweede Wereldoorlog vindt er nog een grondige restauratie plaats. En nogmaals een restauratie in 1986/87 en in 2007 begint conserverend herstel van het gehele orgel.
Dit orgel heeft een totaal andere klank dan het Bach orgel.
Jaap Zwart speelt bewerkingen. Fantasie en Fuga BWV912 (Max Reger), de beroemde Aria in C BWV1068 (Callaerts) en hij eindigt met hetzelfde stuk waarmee Cor begon: BWV544 in een romantische bewerking van Straube.

Het is laat als ik naar huis ga. Ik was met de speedpedelec naar Geldermalsen gegaan, fiets gratis mee op de trein naar Dordt, omdat ik anders op de terugweg bijna een half uur op Geldermalsen zou moeten wachten voor de trein naar Tiel. Tegen de tijd dat de trein uit Utrecht in Geldermalsen aankomt, ben ik met mijn snelle fiets al thuis.
Voor een heel kort nachtje.

Om zes uur zoemt mijn telefoon.
Op naar de trein en tot aan Utrecht zit ik te dubben. Wat ga ik doen? De keuze valt op Venlo om vandaar naar Steyl te wandelen, langs de Maas heen en terug. En natuurlijk wil ik een bezoekje aan dit bijzondere kloosterdorp brengen.

Vanaf station Venlo ga ik over de brug richting Blerick, om langs de westoever zuidwaarts te gaan. De route loopt deels aan het water langs, deels over de dijk die hier Romeinenweg en later Legioenweg heet.
In de verte zie ik een wachttoren en ik verwacht dat dit het Romeinse verleden in herinnering moet brengen, maar nee, het is een herinnering aan het ridderlijke verleden van Baarlo, waar ik inmiddels loop.

Aan de overkant is Steyl al goed te zien. Torenspitsen, massieve kloosters, hoog boven de rivier uit. Ook de veerpont komt in beeld, maar bij Maes 21, het voormalige veerhuis, is het terras open. Ik geniet van een La Trappe Nillis van Abdij Koningshoeven. Wel 0.0, want ik moet ook nog terug.

Steyl is het leven begonnen als een laatmiddeleeuwse losplaats aan de Maas voor o.a. wijn, mergel en steenkool bestemd voor het Gulikse achterland in wat nu Duitsland is. Lokale kooplieden kwamen tot grote welstand en bouwden landhuizen.
Vanaf de jaren 1870 kwamen er congregaties, kloostergemeenschappen naar het dorpje. Afkomstig uit Duitsland, want in het pas opgerichte Duitse Keizerrijk stond de katholieke kerk onder druk van Bismarck.

Een wijnpakhuis werd gekocht door augustinessen uit Essen en hieruit ontstond het niet meer bestaande klooster Sint-Gregor. Landgoed Moubis werd opgekocht door de Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid uit Münster en hieruit ontstond het eveneens niet meer bestaande Sint Jozefklooster.

De drie andere kloosters werden gesticht door pater Arnold Janssen. HIj was in Goch geboren, niet zo heel ver over de grens vanaf Steyl gezien, in 1839. Na zijn studie werd hij in 1861 tot priester gewijd in Münster.
Hij was 12 jaar leraar natuurkunde en catechese in Bocholt aan de Nederlandse grens. Maar hij had een ideaal: de missie ofwel zending.
Uiteindelijk stichtte hij maar liefst drie congregaties, die vandaag de dag alle drie nog in Steyl aanwezig zijn.
* De Gemeenschap van het Goddelijk Woord die in het Latijn Societas Verbi Divini wordt genoemd en daar ook de afkorting aan ontleent: SVD. Oorspronkelijk gericht op de missie in China, later ook op andere missiegebieden.
* de congregatie van de Missiezusters Dienaressen van de Heilige Geest, ook wel de blauwe zusters of Missiezusters van Steyl genoemd.
* de congregatie van de slotzusters Dienaressen van de Heilige Geest van de Altijddurende Aanbidding, de roze zusters of de Aanbiddingszusters.
De beide laatsten zijn medegesticht door de zusters Maria Helena Stollenwerk en Hendrina Stenmanns, beiden zalig verklaard in 2008 resp. 1995.

Het werk van Arnold Janssen bracht vele broeders en paters over de hele wereld en vanuit die gebieden kwamen artefacten naar Europa. En dieren. En insecten. Zelfs mensenschedels. En dat werd niet zomaar verzameld, nee, er zat wel degelijk een idee achter. Informatie verzamelen over verre landen en culturen. De paters en broeders die op missie gingen konden zo al iets leren over wat hen te wachten zou staan. Zelfs een botanische tuin werd er ingericht (die er nog steeds is).

Ik word nu wel benieuwd naar dat Missiemuseum. Bij de ingang staat een opgezette beer. Je kunt er een muntje ingooien en dan gromt-ie wat. Aan het eind van de gang een mottige opgezette leeuw.
Eerst een zaal met bruiklenen: beelden van Maria met het kindje Jezus, van Jezus, van de Drieeenheid, alles in Javaanse stijl gebeeldhouwd uit hout. Schitterend om te zien.

De collectie groeide en groeide en werd meer dan een verzameling. Er werd een museum voor gebouwd dat in 1931 werd opgeleverd. Conservator werd broeder Berchmanns en zijn kantoor is er nog steeds, alsof hij ieder moment kan binnenlopen. Berchmanns was in Brazilië op missie geweest en daar gefascineerd geraakt door vlinders en insecten. En naast zijn kantoor is nog steeds de vlinderkamer te bezoeken. Honderden en honderden vlinders, spinnen, motten, kevers en sprinkhanen zijn keurig op borden bevestigd met een speldje. De kleuren, de vormen, de hoeveelheid: zelfs na bijna 100 jaar moet de bezoeker de mond wel openvallen bij zoveel schoonheid.

Ik loop verder en dan sta ik echt even helemaal perplex. Ik weet niet waar ik moet kijken. Er is veel, heel veel, veel te veel. Voorwerpen uit China, uit Indonesië. En opgezette vogels, vissen, dieren.
Hoog boven alles uit torent een giraffe, een leeuw heeft een kalfje gevangen, een leeuwin een zebra, een neushoornkalfje en een nijlpaardkalfje staan naast elkaar. Er staan komodovaranen, een muskusos, een wisent, een koppel zwanen, papegaaien, kolibries. Ik kom werkelijk ogen tekort.

Tijd om de rust op te zoeken. In de onderkerk van het Missiehuis Sint Michaël staat de sarcofaag van Arnold Janssen. In 1975 werd hij door Paus Paulus VI officieel zalig verklaard. De sarcofaag is van brons en staat voor een schitterend kleurrijk raam. De onderkerk is in 1972 met moderne elementen ingericht die toch een evenwichtig geheel vormen met de 19e eeuwse bouwstijl.

Ik wandel het rustige dorp verder door en kom langs de beide andere kloosters. Bij de Aanbiddingszusters is de kapel open. In de kerk zie ik een zuster zitten. Er is nl. 24 uur per dag een zuster in de kerk aan het bidden, vandaar ook hun naam. Zij aanbidden het Allerheiligste, de hostie, en vormen zo het biddend thuisfront voor de missie.

Over thuis gesproken, ik loop langs de Maas terug naar Venlo en als ik bij het station kom staat de trein naar Delft klaar. Die komt langs Den Bosch waar ik kan overstappen.


Plaats een reactie