Hallo, Bandoeng. Hier Den Haag. Hoort U mij?

Met deze woorden wijdt Koningin-Moeder Emma Radio Kootwijk op 7 januari 1929 de eerste transatlantische telefoonverbinding in met wat toen nog Nederlands-Indië werd genoemd. Er was toen al zes jaar een radiografische verbinding, waarbij berichten sneller dan ooit kon worden verzonden, maar nu kon je met iemand spreken die 12.000 km verder op woonde. Kosten? 30 gulden per 3 minuten.

Ik ben bij Radio Kootwijk, op de Veluwe. Met de trein was ik naar Apeldoorn gereisd en met de fiets verder. Ik dacht dat ik ruim de tijd had, maar 14 km fietsen in het Veluwse heuvellandschap duurde langer dan gedacht. Precies om 11 uur ben ik bij de groep en onze gids. Bijna drie uur duurt de rondleiding (’t liep wat uit).

Natuurlijk is gebouw A (zoals het officieel heet) de publiekstrekker, maar we krijgen uitgebreid uitleg waarom hier op de Veluwe een zendstation werd gebouwd, dat uit 20 gebouwen en gebouwtjes bestond.

Rond 1900 werd de vraag naar betrouwbare radioverbindingen naar de koloniën steeds groter. Onderzoek wees uit dat de 12.000 km tussen Nederland en Nederlands-Indië kon worden overbrugd met radio-telegrafie met de lange golf (morse-seinen). Als men uiteindelijk zover is om de beslissing te nemen, is het oorlog. Dus wordt het besluit uitgesteld.

1918: het besluit is genomen. Luthman is de architect en hij ontwerpt de watertoren (voor koelwater voor de zender) en het zendergebouw met bijgebouwen (nu gebouw A). Er wordt gezocht naar een goede lokatie. Er moet zo min mogelijk interferentie zijn, en daarom komt men uit op de Veluwe in de buurt van Kootwijk, Assel en Hoog-Buurlo. Daar heeft het Rijk een behoorlijk gebied in bezit en dan kan men meteen beginnen.

150 Amsterdamse werklozen gaan aan de slag. Er wordt een soort barakkenkamp voor hen gebouwd en zij kunnen het terrein egaliseren. En dan kan de bouw beginnen. De ondergrond is hier een stevig zandpakket en daarom kan er direct zonder heien of fundament gebouwd worden.

Er komt een 20 meter hoge watertoren, volledig van gewapend beton, toen een nieuw materiaal. Bovenin zit de waterbak waarmee de druk kan worden opgebouwd voor de watervoorziening. We mogen naar binnen en één trap naar boven, naar de enige verdiepingsvloer. Het galmt enorm.

Dan gaan we naar de pomphuisjes. Kleine zeshoekige gebouwtjes van baksteen waarbinnen een betonnen cilinder 18 meter de grond in gaat, met daaronder een lange pijp om naar 42 meter diepte af te steken. Want de Veluwe was wel interferentievrij, maar water was ver te zoeken.

Vervolgens het station. Vanaf de iets noordelijker gelegen spoorlijn Amersfoort – Apeldoorn werd een aftakking naar hier gelegd. Voor de aanvoer van bouwmateriaal, maar ook voor de apparatuur. Het was maar een heel klein locomotiefje (Jumbo genoemd), maar meer was niet nodig. Het deed wat het moest doen. De spoorlijn is er niet meer, maar over het oude tracé loopt nu het fietspad.

Na koffie en een korte film over Radio Kootwijk gaan we naar gebouw A, een massief Art Deco gebouw. Architect Luthman was geïnspireerd door de opgravingen in Egypte, die plaatsvonden in de jaren 1920 en gebouw A moest een sphinx verbeelden. En inderdaad, leg een foto van gebouw A en een sphinx naast elkaar en er is een gelijkenis. Maar doe hetzelfde met de kerk van Veere en ziedaar de herkomst van de bijnaam: Kathedraal van de Veluwe.

Alles is van beton, in mallen en bekistingen gegoten, alle hoeken en rondingen, zelfs de kunstwerken boven de ingang en aan de achterzijde. Het beton had echter wel te leiden van de weersinvloeden en daarom is er bij de restauratie een beschermlaag aangebracht.

Binnen kijken we vol verbazing om ons heen. De naamplaatjes op de deuren, de deuren zelf, de trappen, deurklinken, de tadelakt op de muren, alles is van een functionele schoonheid. En dan de grote zenderzaal, nu natuurlijk leeg, maar in de eerste jaren volgestouwd met de grote zenders, na 1928 met veel meer kleinere kortegolfzenders. Als langegolfzender is het maar een paar jaar in gebruik geweest. Eerst uitstellen van het besluit, vervolgens oorlog, en dan haalt de vooruitgang je weer in. Opmerkelijk aan de zenderzaal is de tegelvloer. In simpele beige en grauwbruine vierkante tegeltjes is een motief gelegd van vele malen de letter L (Luthman wist op die manier zichzelf te vereeuwigen), maar als je langs de patronen kijkt, zie je een puls. Bijzonder knap gevonden.

We mogen mee naar boven voor uitzicht op de zaal en nog een verdieping hoger naar buiten. Daar worden we ook gewezen op de plek waar ondergronds een koudeoorlogrestant zich bevindt: een zenderbunker, ingericht voor 30 man personeel en met alle apparatuur die destijds nodig werd geacht.

Ik fiets na de rondleiding nog even terug het dorpje in. Radio Kootwijk, zoals het dorpje nu heet, werd destijds gebouwd voor het PTT personeel. Er was een hotel ofwel een ‘tehuis voor ongehuwde ambtenaren’, er waren rijtjeshuizen voor de bedienden en opzichters (die de hoekhuizen kregen) en vrijstaande huizen en villa’s voor de hogere rangen. En er is een pleintje met twee monumenten. Een grote steen onder een enorme eik, met daarop een gezicht met de tekst ‘Hallo, Bandoeng’ en een sokkel met een aardbol met middenop een ster die Radio Kootwijk aanwijst als centrum van de wereld.

Tijd om verder te gaan. Ik fiets over de prachtige Veluwe richting Lunteren om dan zuidelijk van Barneveld de Gelderse Vallei door te steken. Bij Achterveld en Stoutenburg kom ik in de buurt van Amersfoort. Het was vanmorgen niet echt warm met zelfs wat regen, maar nu stijgt de temperatuur naar 29 graden met windkracht 4 uit het zuiden. Het is heet op de fiets. In het westen begint de lucht te dreigen en ik ben echt net op tijd in mijn hotel, hartje Amersfoort, als een enorme regenbui losbarst.

En hoe het verder ging met Radio Kootwijk? Tot 1970 was het het middelpunt van het intercontinentale telegrafie- en telefoonverkeer van en naar Nederland. Daarna onderhield Radio Kootwijk voor Scheveningen Radio de verbindingen met schepen over de hele wereld. Door de invoering van satellietverbindingen wordt Radio Kootwijk tenslotte overbodig. Daarom is eind 1998 het zendstation definitief uitgeschakeld.

Opmerkelijk feit: op de watertoren zit een lichtbaak. Het was een vuurtoren voor schippers op de toenmalige Zuiderzee, hemelsbreed hier maar zo’n goede 30 km vandaan.

Onderstaand een gedicht dat ik in het gebouw las, geschreven bij de sluiting van Radio Kootwijk.

Radio Kootwijk

De grijze klankschaal -art deco- zwijgt als een sfinx die nooit meer zon verwacht, in tongen spreekt, noch raadsels zendt.
Een crypte voor gestorven woorden, een kathedraal zonder gelovigen of gebed
Ooit wikkelden antennedraden zich als koperen zwachtels om familieleed.
Wat eens verbond is nu ontbonden.
De echo is versteend van lang verweesde ouders, vergeefse minnaressen, onwetend van inheemse lust en ziektes van hun Jan.
Elf gulden per minuut.
Hij huilde bij het horen van hun stem en stamelde wat onbeholpen woorden.'Is alles goed? Hoe is het weer?'
Ik mis je zo' is immers theatraal en al te vaak een leugen.
Ze zeiden hem dat vader ziek was, heel erg ziek en dat de hond was overreden.
De buitenaardse vinger is voorgoed verstomd.
Geen vogel vliegt naar Bandoeng
Geen vogel keert nog terug

Laurens Hoevenaren

64 km gefietst maakt 640


Plaats een reactie