In de kerk hangt een scheepsmodel en staat een walviskaak, aan zee staat een standbeeld van een vrouw, kijkend naar waar man, vader of broer is gebleven. Het is duidelijk, ik ben in een vissersplaats en wel in Scheveningen. Gistermiddag was ik daar al aangekomen, maar vandaag blijf ik er. Ik ga nl. mee met een orgelwandeltocht langs drie kerken. Twee organisten zullen vijf orgels bespelen.

Pas rond acht uur werd ik wakker na een heerlijke nachtrust, ook omdat het best afkoelde vannacht. En op drie hoog achter midden in de stad is dat welkom.

Ik besluit om vooraf nog een kort fietstochtje te maken, naar Kijkduin. Heerlijk is het. Het is nog lekker koel, lekker frisse wind, strakblauwe lucht, wuivend gras op de duinen, zo nu en dan een glimp van de zee. Ik keer om en ga in Scheveningen aan de haven aan de koffie. Dit keer zonder, ik heb een relaxte dag voor de boeg.

Om iets voor 11 uur ben ik bij de start: de Antonius Abtkerk, een massief aandoend gebouw, zakelijk en strak in rode baksteen. Ik neem het programma in ontvangst, stap binnen en mijn mond valt open.

Alle aandacht moet wel uitgaan naar de apsis achter het altaar waar een stralend, bijna glinsterend mozaïek is aangebracht, met een verborgen lichtstraat ervoor die het geheel nog meer glans geeft.

De kerk is gebouwd in 1927 door Jos Cuypers en zijn zoon Pierre jr. (zoon resp. kleinzoon van Pierre Cuypers). Maar waar deze bekend staat om zijn uitbundige neogotische stijl, gaat zoon Jos een strakzakelijke kant uit. Het effect is er niet minder om. Alle kunstenaars hebben samengewerkt om van deze kerk een waar kunstwerk te maken. De glas-in-loodramen, de statieweg van glasmozaïek, de bronzen beelden en ornamenten, het schilderwerk, de altaren, de bonte oudroze steen als lambrisering: alles werkt samen.

Ik begrijp dat het mozaïek in de apsis een memorietableau is van de choleraramp in 1848, dan zo’n 75 jaar geleden. Scheveningse vissersmensen hebben hiervoor geposeerd en je ziet ze staan, met klederdracht en klompen en al. De kartons zijn in Parijs voorzien van glasmozaïek door Italiaanse glaskunstenaars. Na terugkomst zijn de panelen voorzichtig op de gewelfde achterwand aangebracht en daarna bijgewerkt. 2 miljoen steentjes en 200 m2!

Maar ik kom natuurlijk voor het concert. Bert den Hertog en Sander van Marion geven vandaag acte de présence en meer dan 200 mensen zijn aanwezig.

Er zijn twee thema’s vandaag: Dubois en Haagse componisten. Het Fiat Lux (Er zij licht) van Dubois is voor mij in deze kerk raak. Het past zo bij het gevoel dat ik had bij het zien van het mozaïek. De organisten wisselen elkaar af en sluiten vierhandig af met U zij de glorie.

Ik lunch bij een pizzeria op het Prins Willemplein (genoemd naar de latere Koning Willem II). Toch nog een Oranje-tintje vandaag!

En dan stappen we een vierkante bakstenen doos binnen, de Bethelkerk uit 1971, opvolger van een oudere voorganger. De kerkzaal is versierd met grote glaspartijen van glas-in-lood en figuurglas tussen bakstenen stroken. En heel verrassend: een groot orgel linksvoor in de hoek en een klein koororgel rechts.
Van Marion is 60 jaar organist geweest bij de Bethelkerk en kent deze orgels door en door, omdat hij betrokken is geweest bij uitbreiding van het hoofdorgel uit 1959 en aanschaf van het koororgel in 1977 dat later ook nog chamades kreeg.

De organisten gaan aan het werk. Het koororgel is vanaf het hoofdorgel te bespelen en dat wordt graag benut. Vooral bij de Toccata van Bach werkt het echo-effect heel mooi. Afsluiting is een duosonate van de hand van Van Marion, waarbij de ene organist vanaf het hoofdorgel speelt en de ander de speeltafel van het koororgel gebruikt.

Een paar stappen verder staan we bij de Oude Kerk van Scheveningen. Ik zoek een plekje op een trap in de schaduw van de toren, want er volgt nu een beiaardbespeling. Bach, Van Marion, Beethoven en Cole Porter klinken uit de toren. Ik zit lekker te genieten en ondertussen te kijken naar iedereen die voorbijkomt. Vooral die meneer die zijn ontzettend grote electrische auto wil parkeren, wat niet echt goed lukt. Moeder de vrouw erachter, ja, nee, iets terug. Hè, hè, die staat. Volgt een hele discussie tussen pa en moe. Dan gaan moeder en dochter op pad, vader kan de auto wel aansluiten, maar dat lukt niet. Trekken en duwen aan de stekkers, nee, werkt niet. Bij de buren wel? Hij trekt de stekker van de andere auto er uit en doet die weer terug, pakt zijn spullen, loopt weg en komt even later terug. Alles wordt in de auto gegooid en met heel veel moeite komt hij van de parkeerplek en rijdt weg. Hoe dan?

Ondertussen is het beiaardconcert afgelopen en loop ik naar binnen voor het laatste concert. De Oude Kerk is het oudste monument van Scheveningen, stamt uit de 15e eeuw en was gewijd aan Antonius Abt.
Terzijde: in de toren bevond zich vroeger het uurwerk waarop Christiaan Huygens de slinger uitprobeerde.
Het hoofdorgel is echt zo’n typisch 18e eeuws orgel, mooi donkerrood geschilderd met gouden versieringen. Het stamt uit 1765 met uitbreidingen uit 1935.
Ik zit in het koor vlakbij het koororgel, dat een hele geschiedenis heeft. Ook 18e eeuws (1791), gebouwd voor de kerk van Westwoud, verkocht aan de parochiekerk van Lijnden, daarna kwam het in Wervershoof en in 1956 werd het opgeslagen in de Westerkerk van Enkhuizen. Nu staat het hier, in iets aangepaste versie, in het koor.

Het concert begint en eindigt met stukken voor twee orgels en dat is een hele kunst, maar het lukt beide organisten om voor elkaar te krijgen dat alles gelijk gaat en nog mooi klinkt ook. Het hele concert is, net als de hele dag, lichtvoetig van toon. Gewoon genieten op een stralende zonnige dag.

Ik fiets langs een mooi pad door de Scheveningse bosjes naar het station, waar de trein naar Utrecht al klaar staat. Thuis alles in de was en morgen weer een nieuw avontuur.


25 km gefietst maakt 263 km.

3 kerken bezocht maakt 8

3 orgelconcerten maakt 4


Plaats een reactie