Ik zit aan de oever van de Kromme Rijn, achter een pannenkoek met de naam Reus van Rhijnauwen. Passend bij mijn vakantiedagje, vond ik. Ik heb vandaag nl. het heelal doorkruist en ben op zoek naar de laatste IJsreus, Neptunus. Nou ja, virtueel en op schaal, dan.
Omdat ik vandaag naar de Sterrenwacht in Utrecht ging, zat ik op hun site wat te kijken en zo kwam ik terecht op het Planetenpad. Nu kom ik best wel regelmatig in Utrecht, maar Planetenpad? Ja, Utrecht heeft een Sterrenwijk (waar de straten planeetnamen dragen…), maar daar is geen Planetenpad.
Ik duik er iets dieper in en ineens begint me iets te dagen. Die grote bronzen bol op het Domplein, voor het Academiehuis, daar begint het pad. En ik herinner me in het voorbijgaan wel één van de andere planeten te hebben gezien, niet bewust, maar er komt nu wel degelijk iets opborrelen. Grappig, je loopt aan zaken voorbij, neemt ze niet bewust waar, maar toch…
Die grote bronzen bal is een model van de zon met daarom heen de spreuk ‘Sol Justitia Illustra Nos‘: Zon der gerechtigheid, verlicht ons, de spreuk van de Universiteit van Utrecht.
Op schaal volgen dan de planeten tot ik bij kasteel Rhijnauwen ben, een paar kilometer lopen vanaf het Domplein. Elke meter is in werkelijkheid een miljoen kilometer. En dat is een hele leuke manier om je bewust te worden van de grootte van het heelal en van je eigen nietigheid.
En Karel V heeft hier ook iets mee te maken. Hij verordonneerde dat Utrecht beter verdedigbaar moest zijn en daarvoor werden de bastions Morgenster, Sterrenburgh, Manenborgh en Sonnenborgh gebouwd en later nog eens vijf stuks. Van deze bastions is Sonnenborgh het best bewaard gebleven en al in de 17e eeuw in gebruik genomen door de Universiteit van Utrecht. En kwam een Hortus Medicus en Botanicus. Alleen de hoogte werkte tegen. Al die emmers water omhoog sjouwen en dan liep het water zo weer weg. En de planten op de binnenplaats gedijden niet goed in de schaduw. Na een kleine eeuw verhuisde de tuin.
Het bolwerk diende allerlei andere doeleinden totdat medio 19e eeuw de Sterrenwacht van Utrecht verhuisde van de Smeetoren naar de Sonnenborgh. Professor Buys Ballot had hier de leiding en hij richtte later het Nederlands Meteorologisch Instituut op (het huidige KNMI). Het KNMI verhuisde in 1897 naar De Bilt en tot 2012 was de Sonnenborgh het domein van de sterrenkunde. Nu is het een publiekssterrenwacht en een museum voor weerkunde, sterrenkunde en bastiongeschiedenis.
Ik bezoek het museum en raak onder de indruk van de grootte van het heelal, maar ook van de hardnekkige en continue wil van de mens om de wereld om zich heen te willen begrijpen. Allerlei instrumenten werden en worden hiertoe gebouwd. Er zijn zonnewijzers, ik loop over de Utrecht-meridiaan (een sterrenwacht was ook belangrijk voor de tijdmeting), er is een klein planetarium (de bouwer heeft er meer dan 20 jaar over gedaan). De tuinen zijn ingericht als in de tijd van de Hortus Botanicus en als ik de trappen afdaal ga ik naar de tijd van Karel V. Ik dwaal door de stenen gangen, er staat een kanon opgesteld, en ik bewonder de prachtig kruisribgewelven. Tijd om verder te gaan.
Ik had al een heel stuk gewandeld van het Planetenpad voor ik het museum bezocht. Vanuit Sonnenborgh loop ik naar Jupiter en dan hoef ik nog maar drie planeten, maar daarvoor moet ik heel wat kilometers afleggen. Saturnus vind ik op de oude Oosterspoorbaan, Uranus aan de Kromme Rijn en Neptunus bij Rhijnauwen.
De zon is de ster die het dichtst bij de aarde staat en het centrum van het zonnestelsel vormt. De zon is een middelgrote ster in een buitenste arm van het Melkwegstelsel. Vanaf de aarde gezien is de zon verreweg het helderste object aan de hemel; de zon bepaalt dan ook het gebruikelijke onderscheid tussen dag en nacht. De zon is verantwoordelijk voor het overgrote deel van de warmte in de aardatmosfeer en is de belangrijkste bron van energie voor het leven op aarde. Aardig weetje: zonlicht doet er 8 minuten over om naar de aarde te komen.


Mercurius is de kleinste rotsplaneet van ons zonnestelsel (4878 km diameter, ruim 1/3 van de aarde) . De kern van de planeet koelt snel af waardoor de planeet langzaam krimpt. Een etmaal duurt 58 dagen. Daardoor is de dagkant zeer warm (426 C) en nachtkant zeer koud (-173 C). Mercurius heeft geen atmosfeer, die is weggeblazen door de zon. De baan van Mercurius varieert tussen 46 en 70 miljoen km en de afwijkingen in de baan worden verklaard doordat tijd varieert conform de relativiteitstheorie van Einstein. Mercurius heeft geen maan.
Venus is het zusje van de Aarde, ook een rotsplaneet. Ze zijn ongeveer even groot en zwaar, maar Venus heeft een zeer dicht wolkendek van CO2, zwavelgassen en stikstof. De druk is wel veel hoger dan op aarde. Door al dat gas is het oppervlak van Venus gloeiend heet, wel 500 C. Het is de Russen maar een paar keer gelukt om op Venus te landen. Die ruimtevaartuigen werden snel platgedrukt en smolten.


De Maan is waarschijnlijk ontstaan doordat een protoplaneet tegen de aarde gebotst is, Daardoor is een deel van de aardkorst weggevlogen en isde Maan gevormd. Daarom is de samenstelling van de Maan vrijwel gelijk aan de samenstelling van de aardkorst.
Ook de aarde is een rotsplaneet met een kern van IJzer en Nikkel. IJzer en Nikkel zijn zwaar en daarom naar het middelpunt gezakt toen de aarde nog geheel gesmolten was. Het rotsachtige materiaal is voor het grootste gedeelte nog steeds gesmolten en daarop drijven onze continenten en daarbovenop ligt water en lucht. De kern van de Aarde is 5000 C heet, even heet als het oppervlak van de zon.
Mars is de laatste rotsplaneet in ons zonnestelsel. Hij is de helft zo groot als de Aarde en heeft een hele ijle atmosfeer. Omdat Mars verder van de zon staat is de temperatuur van -60 C tot rond het vriespunt. Mars heeft wel poolkappen en de hoogste berg in het zonnestelsel Mont Olympus (25 km hoog, 3 maal hoger dan de Mount Everest). Mars heeft twee piepkleine maantjes Phobus en Deimos die in de toekomst uit elkaar zullen vallen en Mars een ring zullen geven.


Jupiter is veruit de grootste planeet in ons zonnestelsel. 2,5 maal zwaarder dan alle andere planeten bij elkaar. Jupiter is een gasreus. Het heeft waarschijnlijk een kleine kern zoals een rots planeet maar daarboven op ligt een zeer dichte atmosfeer met allerlei lichte gassen, Waterstof (90%), Helium (10%) en aardgas (CH4, 0,5%), De rest is bevroren want het is op Jupiter -120 C. Je kunt niet landen op Jupiter. Je zakt erin weg totdat je heel erg plat gedrukt wordt. Aan het oppervlak woedt al eeuwen lang een geweldige wervelstorm, zo groot als de Aarde, die er uitziet als een rode vlek. Jupiter heeft een aantal ijle ringen, 75 kleine maantjes en 4 grote manen.
De gasreus Saturnus is iets kleiner dan Jupiter maar wel de mooiste planeet, vanwege het uitgebreide ringenstelsel.
De ringen hebben een diameter van 200.000 – 500.000 km maar zijn maar gemiddeld 20 m dik. Ze bevatten ijsklontjes en kiezelsteentjes, maar zijn toch zo ijl dat je er makkelijk met een satelliet doorheen kunt vliegen. De 82 maantjes van Saturnus houden de ringen bij elkaar. De grootste maan Titan is groter dan onze Maan.


Uranus is ook een reuzenplaneet, maar dan wel een IJsreus. Het is zo koud ( -200 C) dat bijna alle gassen zijn bevroren. Uranus draait in 84 jaar om de zon. Bij zijn geboorte is hij gebotst met een andere planeet en daarom is zijn draaias 98 graden gekanteld. Daarom is het 42 jaar zomer en 42 jaar winter op Uranus. Uranus heeft ook een aantal dunne ringen en 27 maantjes. Hij ziet er blauw uit vanwege het bevroren aardgas (CH4) op het oppervlak.
De planeet die het verste van de zon verwijderd is, is Neptunus. Het is een broertje van Uranus en dus ook een IJsreus met een temperatuur van -220 C.
Neptunus heeft 9 ringen en waarschijnlijk 16 manen. De grootste is Triton en dat is het koudste hemellichaam in ons zonnestelsel (- 237 C).
Op de evenaar van Neptunus woeden stormen met snelheden tot 2400 km/uur.

Na als met zevenmaalslaarzen door het heelal te zijn gewandeld, smaakt de pannenkoek mij best. Het is nog steeds heerlijk weer en langs de Kromme Rijn loop ik naar Amelisweerd waar ik station Lunetten op zoek. Tijd om naar huis te gaan!






