En dan bedoel ik niet romantisch, hartjes, sentimenteel, maar de Romantiek. Eigenlijk een reactie, een anti-beweging, tegen het rationele van de Verlichting. Het rationele denken bracht veel goeds, maar de gruwelijkheden van de Franse Revolutie waren ook rationeel gedacht. Het gevoel, een andere dimensie dan hetgeen gemeten en gewogen en bewezen kan worden, het subjectieve: daar ging men eind 18e eeuw en gedurende de 19e eeuw naar op zoek in de kunst en de filosofie.

Vandaag ben ik in Breda, in de Grote Kerk. De kerk schittert in de zon en duidelijk te zien is waarom deze kerk een prachtig staaltje Brabantse Gothiek is.

In deze kerk is vanmiddag een orgelmarathon met 16 werken van één componist, gespeeld door vijf organisten. Het orgel is geschilderd in de Nassau-kleuren blauw en goud. Het stamt uit 1968, maar bevat onderdelen uit eerdere orgels uit de 19e en 16e eeuw. Het stadswapen staat trots vlak onder het dak van de kerk. Het rugpositief oogt heel oud en heeft luiken waarop koning David te zien is. De elegante houten wenteltrap naar het orgel is wit geschilderd met gouden accenten en een klein gouden engeltje dat zingt bij een buikorgeltje staat bij de eerste tree.

Max Reger wordt vandaag op monumentale wijze herdacht. Dit jaar 150 jaar geleden werd hij geboren in de Opper-Palts, in Beieren. Zijn vader was amateur-musicus en de kleine Max maakte via hem kennis met harmonieleer, orgel en piano en zijn moeder gaf hem pianoles. Als 12-jarige werd hij organist en in 1888 werd hij door zijn oom meegenomen naar opera’s van Wagner. Max wist het nu: hij ging zijn verdere leven aan de muziek wijden.

Meer dan 1000 werken componeerde hij in zijn korte leven. 43 jaar werd hij maar. Hij was een romanticus in hart en nieren, een exponent van de Romantiek. Bij vlagen depressief, op zoek naar geluk, maar eigenlijk pas gelukkig als hij ongelukkig was. Hij hield van goed eten, maar dronk ook veel te veel en moest daarvoor van tijd tot tijd worden opgenomen.

Hij was rooms maar werd geëxcommuniceerd toen met de protestantse Elsa trouwde. Hij maakte veel bewerkingen van religieuze melodieën, maar was ook voorstander van absolute muziek, muziek zonder onderwerp.

Vanmiddag wordt een selectie uit zijn orgelmuziek ten gehore gebracht. Start is een bewerking van een Toccata en fuga van Bach. Passend want volgens Reger was Bach Anfang und Ende aller Musik. En dat is het begin van vijf uur lang muziek die over ons wordt uitgestort.

Gelukkig hebben we na ieder concert van ca. drie kwartier een korte pauze, want Reger schreef niet alleen veel muziek, maar die muziek bestaat ook nog eens uit verschrikkelijk veel noten. Omdat we kunnen meekijken via een scherm, zien wij dat ook. De bladzijden staan vol zwarte kriebels, maar het was geen noot te veel, volgens Reger.

Met bewondering volg ik de verrichtingen van de organisten. Zoveel noten spelen en dat er ook nog eens moeiteloos laten uitzien vergt studie, studie en nog eens studie. En de registranten staan er ook niet voor de sier.

Tijdens de pauzes loopt de kerk even behoorlijk leeg, maar zodra de nieuwe organist aantreedt zit iedereen weer op zijn of haar plek.

Op zo’n dag kun je vergelijkingen gaan maken en stukken beoordelen. Dat ga ik niet doen. Iedere organist heeft met hart en ziel gespeeld en dat kwam bij mij zeker over. De muziek, de hoeveelheid muziek en de kwaliteit: alles was overweldigend. Daarnaast, ik ben geen muziekrecensent, slechts een liefhebber. En ik denk dat ik Max Reger aan mijn zijde heb. Als antwoord op een zeer kritische recensie, schreef hij: “Ik zit in het kleinste kamertje van mijn huis. Ik heb uw recensie voor me. Weldra zal die achter mij zijn”.


Plaats een reactie