Maar dan mijn soort relaxt.

Ik zit op het terras, 0.0 biertje onder handbereik, in afwachting van mijn menuutje.

Vandaag ben ik op pad gegaan voor nog meer Deltawerken. Want zoals je wellicht al vermoedde, ga ik alle Deltawerken bij langs. In combinatie met mijn overnachtingsmogelijkheden zorgt dat voor vreemde routes. Zo ook vandaag waardoor ik rond 13 uur op een betonnen kolos zat en uitkeek over de Westerschelde.

Hoe ik daar kwam? Wel, ik vertrek weer vrij vroeg, waardoor ik al om half 9 op de Zeelandbrug fiets. En nee, die brug is geen onderdeel van de Deltawerken.

Wel zorgden de Deltawerken er voor dat delen van Zeeland in één keer beter bereikbaar waren omdat over de dammen wegen werden aangelegd. Maar de Oosterschelde was een probleem en de afsluiting zou nog tot 1978 (werd 1986!) duren, dus gaf de provincie opdracht voor deze 5 km lange brug. Jammer genoeg kon ik niet goed een foto van de brug zelf nemen.

En zo beland ik op Noord-Beveland en al heel snel zie ik in de verte de klap van een grote brug openstaan. Ja, hoor! Mijn eerste Deltawerk van vandaag. De Zandkreekdam met -brug.

Deze dam was al ooit bedacht in het kader van het Drie Eilandenplan uit de jaren 1930, om Noord-Beveland, Zuid-Beveland en Walcheren met elkaar te verbinden. Na de Watersnoodramp van 1953 werd deze dam opgenomen in het Deltaplan.

Het is een korte dam met daarin ook een sluis, ruim 800 meter en het is een nevenafsluiting, bedoeld om de hoofdafsluiting, de Veerse Gatdam, mogelijk te maken. Zou deze dam er niet komen dan zou er wantij ontstaan als of het Veerse Gat of de Oosterschelde zou worden afgesloten. Met onherroepelijk breder uitschuren van deze doorgang. In 1960 was de dam klaar. Natuurlijk zijn er na die tijd nog aanpassingen gedaan, zoals een afsluitbare doorlaatkoker, waarmee de waterkwaliteit van het Veerse Meer kan worden verbeterd.

In Kapelle stop ik bij het dorpscafe (verrassend lekkere koffie, trouwens) na een bezoek aan de Franse militaire begraafplaats. In de meidagen van 1940 vochten Franse troepen mee. Ook zijn drenkelingen aangespoeld van een gezonken Frans schip.

En nu naar het zuiden, naar de Bathse Spuisluis. Inderdaad, een heel onbekend onderdeel van de Deltawerken.

De sluis is nl. niet aangelegd als verdediging tégen het water, maar is samen met het Bathse spuikanaal aangelegd om zoet water te kunnen afvoeren zodat het Volkerak, het Zoommeer, het Markiezaatsmeer en het Schelde-Rijnkanaal worden doorgespoeld. Door de afdamming van deze wateren ging dit niet meer vanzelf. Bij de Volkerakdam wordt schoon water het gebied ingelaten. Bij de Spuisluis wordt het oude water op de Westerschelde geloosd, overigens alleen als die lager staat dan het Spuikanaal, want de sluis heeft geen pompen. En ja, in dit land van water en eilanden is speciaal nog water toegevoegd. Naast het bestaande Schelde-Rijnkanaal is het Spuikanaal gegraven, 8,4 km lang, 135 meter breed (aan het oppervlak), 65 meter breed (op de bodem) en 7 meter diep. De bouw startte in 1980 en in 1987 waren kanaal en spuisluis klaar.

Boven op het beton van deze sluis zit ik te lunchen. België zie ik links, met het havengebied van Antwerpen meteen na de grens. Grote zeeschepen varen er, maar ook binnenvaartschepen, die ineens minuscuul lijken op de Westerschelde en bij zulke grote zeeschepen.

Ik fiets noordwaarts, langs het Spuikanaal naar de Kreekraksluizen uit 1975, geen onderdeel van de Deltawerken, maar te imposant om niet even te kijken. Er liggen diverse schepen afgemeerd, er ligt er één te wachten voor de oostelijke sluis, er varen schepen de westelijke sluis in en uit. Wat een bouwwerk, zo groot. En wellicht komt er nog een derde sluis bij ( is trouwens bij de aanleg al rekening mee gehouden).

Dat Schelde-Rijnkanaal is een mooie naam, hoor, maar het komt natuurlijk niet in de Rijn uit. Het is de vaarverbinding tussen Antwerpen en het stroomgebied van Rijn en Maas, vandaar de naam.

En dan ga ik naar de Oesterdam, de verbinding tussen Zuid-Beveland en Tholen. Om de dam aan te leggen werd meer oostelijk de Markiezaatskade aangelegd, en nee, daar ben ik niet op geweest. Ik doe het met kijken vanaf de Oesterdam.

De Oesterdam werd noodzakelijk toen besloten werd dat de Oosterschelde niet met een dam maar met een stormvloedkering zou worden gesloten. Met 10,5 km is het de langste dam geworden. In 1979 werd gestart en in 1989 kon de weg over de dam worden geopend. Om het opwerpen van de dam te vergemakkelijken werd de Markiezaatskade aangelegd. Tevens dienen dam en kade als begrenzing van het Schelde-Rijnkanaal.

De hele dag is het bewolkt geweest, met de zon er een beetje tegen. Wel lekkere temperatuur en weinig wind: dus goed fietsweer en dus relaxt.

Mijn B&B bij Krabbendijke is geweldig mooi. Een luxe tuinschuur in een fantastische bloementuin. Dat wordt lekker slapen na de hamburger in het dorp. Dat is pas relaxt 😆


85 gefietst maakt totaal 1122.


Plaats een reactie