Wie zei ook al weer dat Nederland vlak is? Voor de vierde dag op rij heuvel ik op en af, nu van de stuwwal bij Nijmegen naar Arnhem en dan over de Veluwe naar Apeldoorn.
De dag begon met ontbijten in de tuin van het huisje waar ik verbleef. Achter een voormalige boerderij in het groen, heerlijk!
Op naar de kerk, wat een fietstocht van ruim 7 km betekent waarbij ik nog moet stijgen om de stuwwal over te steken.
Na de kerkdienst pak ik bij het station het begin op van een snelle fietsroute, de F325. Inderdaad, hetzelfde nummer als de A325, waar de route grotendeels naast loopt. In een poging in dit stedelijk gebied meer mensen te laten fietsen (naar school of werk) is deze doorgaande route aangelegd (over bestaande wegen) en bewegwijzerd. Gisteren zat ik op een stukje van de F73 tussen Cuijk en Nijmegen.
In Ressen is de oude kerk open en ik wip even binnen. Het kerkje is echt heel klein. Het Romaanse schip is 11e eeuws, de toren 12e eeuws en het kleine koor is gotisch. Het ligt prachtig aan de rand van de velden en niets verraadt meer de schade van de slag om Arnhem.
Ik steek de Linge over naar Park Lingezegen, wat trouwens niets met een zegen te maken heeft. Zegen is het meervoud van zeeg, Betuws voor een hoofdwatergang.
In Arnhem stop ik bij Park Sonsbeek, met de prachtige Witte Molen, een watermolen aan de Sint-Jansbeek. Dit is de enig overgebleven nog werkende molen aan de beek. Al in de 13e eeuw was hier een soort industriegebied. Er stonden meerdere watermolens, voor meel, voor papier, maar ook wasserijen, allemaal aangedreven door het water van de beek.
Park Sonsbeek heet naar Anna van Sonsbeeck, een belangrijke 17e eeuwse dame uit Arnhem. Zij was afkomstig uit het Duitse Sonsbeck. De Sint-Jansbeek wordt ook wel Sonsbeek genoemd. Weer wat geleerd, want ik dacht dat Sonsbeek een verbastering was van Sint-Jansbeek.
Een minuutje verder ligt de 16e/17e eeuwse Bagijnemolen, waar het Watermuseum is gevestigd. Helemaal gewijd aan voorlichting over watergebruik, waterschappen, riolering, waterzuivering etc. Je mag bijna overal aan zitten, kunt allerlei quizzen beantwoorden. Voor kinderen is dit helemaal geweldig, maar het kind in mij is nooit ver weg. En dus ben ik bezig met schuifjes om water om te leiden. Met natte voeten als gevolg…
Na een lunch ga ik de heuvels van de Veluwe beproeven. Het is prachtig weer, niet te warm, wel wat wind maar die heb ik in de rug. Blij toe, want de weg langs Deelen stijgt langzaam maar zeker. In Hoenderloo pauzeer ik even om dan naar Apeldoorn te vertrekken.
Langs al bloeiende heide en door prachtige bomenlanen kom ik in Ugchelen en dan in de buurt van Paleis het Loo waar mijn hotel staat.
Terzijde: ik stak de Betuwe door en ben nu halverwege de Veluwe. Waar Betuwe goede streek (vruchtbaar) betekent, staat Veluwe voor vale of bleke streek, slecht of onvruchtbaar gebied. Vergelijk met het Engelse fallow lands, braakliggend land.
63 km gefietst: maakt totaal 434 km



