Als ergens de impact van bestuurlijke besluiten zichtbaar is, dan wel in het gebied waar ik vandaag wandel. Je zou het niet zeggen, maar in dit verstedelijkte gebied is het verrassend mooi wandelen. Het geraas van het verkeer op de beide snelwegen die hier kruisen, blijf ik vrijwel de hele wandeling horen. Maar toch…
Nieuwegein, daar ben ik. Een groeikern uit de jaren ’70, met de daarbij behorende kenmerkende bebouwing. Maar deze plaats heeft mooie plekjes, veel, heel veel water, een heel oude geschiedenis, en heel veel sluizen.
Vanaf de carpoolplaats loop ik de Lekdijk op en ik ril in mijn trui met bodywarmer. Verroest, zou ik toch te weinig kleding hebben aangetrokken? Ik stap daarom stevig door en kom allengs op temperatuur.
Nieuwegein is een samenvoeging van twee dorpen, Vreeswijk en Jutphaas. In het gebied ertussen heeft ooit nog een heus stadje gelegen, Geyne, maar dat is van de aardbodem verdwenen. Op het Stadspark Oudgein (eigenlijk de voormalige polder Oudgein) na, is het gehele gebied volgebouwd in de afgelopen 50 jaar. De A27 en de A2 steken zuidelijk van Nieuwegein de Lek over met grote verkeersbruggen en klemmen de plaats in een soort omhelzing. Tegelijkertijd wordt het gebied doorsneden door een veelheid aan waterwegen.
Ooit was het klein begonnen. De Friezen hadden hier een handelsnederzetting, die in de 9e eeuw al wordt genoemd: Friezenwijk, later verbasterd tot Vreeswijk. Het lag niet helemaal op de plek van het huidige oude Vreeswijk, maar wel in deze buurt. Iets verder noordwestelijk lag Geyne, een stadje aan het riviertje de Geine. De Geine stond in verbinding zowel de Hollandse IJssel als met de Vaartsche Rijn. In 1295 kreeg Geyne stadsrechten, Kanaal de Doorslag werd tezelfdertijd gegraven waardoor het riviertje Geine verlandde. In 1333 werd het stadje verwoest en kreeg Vreeswijk een belangrijke positie als voorhaven van Utrecht aan de Lek. Geyne kwam de verwoesting nauwelijks te boven en werd na nieuw onheil in de 15e eeuw verlaten. In Stadspark Oudgein ligt Huis Oudegein, dat zijn oorsprong heeft in de tijd van Geyne. Hier tref je het polderlandschap nog aan, compleet met een deels 17e eeuwse standerdmolen, knotwilgen, poldersloten en een oude boederij aan de Doorslag.
Jutphaas ligt nog verder noordwestelijk, al in de 11e eeuw genoemd als Iudefax, wat dat ook betekenen mag. Aan de Herenstraat langs het Merwedekanaal staat nog karakteristieke bebouwing uit de 19e eeuw. Door de vele sluizen en het oponthoud dat daaraan inherent is, onstond er in Vreeswijk en Jutphaas veel nering langs de kanalen, de economie van de stagnatie zoals dat zo mooi heet.
De Vaartsche Rijn uit de 12e eeuw was het eerste kanaal dat dit gebied opzettelijk doorsneed. In 1285 werd op last van Floris V de Hollandse IJssel bij Vreeswijk afgedamd. De dam tussen de Hollandse IJssel en de Vaartsche Rijn werd toen doorgeslagen, en het water dat daarbij ontstond (onderdeel van de Vaartsche Rijn) kreeg de naam Doorslag. De Keulse Vaart volgde begin 19e eeuw. Dit was een vaart die gebruik maakte van bestaande waterwegen, zoals de Vaartsche Rijn. Eind 19e eeuw ging de Vaart op in het nieuwe Merwedekanaal.
In augustus 1938 werd het Amsterdam-Rijnkanaal in gebruik genomen, een geheel nieuw kanaal om de scheepvaartverbinding van Amsterdam met de Rijn te verbeteren. Dit kanaal loopt door het noordelijke deel van Nieuwegein. In datzelfde jaar werd een verbinding gegraven tussen het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek, het Lekkanaal.
Zoveel water moet beheerst worden en ook overgestoken. Dus zijn er bruggen en sluizen nodig. En langs de vele sluizen loop ik vandaag.
- De Koninginnensluis in het Merwedekanaal, geopend in 1892 door Koningin-Regentes Emma en de 11-jarige Koningin Wilhelmina, vandaar het meervoud met een N. Deze sluis was nodig omdat de Oude Sluis in het centrum van Vreeswijk te lange wachttijden had voor het schutten van de schepen.
- De Doorslagsluis op de splitsing van de Doorslag en het Merwedekanaal. De sluis stamt uit 1672 maar wordt momenteel verbreed, gereconstrueerd en gerestaureerd. De bouwput daar laat ik graag achter me.
- In het oude Jutphaas zie ik de straatnaam Het Sluisje. Tot 1959 zat hier inderdaad een sluis, die toen gesloopt is.
- Ik loop hier natuurlijk ook in het gebied van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en bij Jutphaas ligt een fort dat hiervoor werd gebouwd op het terrein van het voormalige kasteel Plettenburg. Bij dit fort ligt een innundatiesluis, waarmee de inundatie van de oostelijk gelegen landerijen kon worden geregeld.
- Vervolgens kom ik bij de Zuidersluis uit de jaren 1930. De naam zegt het al. Deze sluis ligt zuidelijk van het enorme waterknooppunt dat ontstond toen het Amsterdam-Rijnkanaal werd gegraven en het Merwedekanaal doorkruiste. Aan de overkant van de watervlakte ligt de Noordersluis. Logisch.
- Vervolgens de meest bizarre sluis van allemaal, ik denk de meest bizarre van heel Nederland. De Plofsluis. Zoals de naam klinkt, zo doemt de enorme kolos op boven het water. Dan heb je dus een mooi en groot kanaal gegraven, maar wel een probleem gecreëerd voor de landsverdediging. Het nieuwe Amsterdam-Rijnkanaal uit 1938 doorsneed de innundatievelden en het innundatiewater zou makkelijk weer weg stromen via het kanaal. Om dat te voorkomen werd boven het kanaal ter hoogte van kasteel Heemstede een enorme betonnen bak geplaatst met een relatief zwakke bodem. De betonnen bak met vijf compartimenten kon gevuld worden 40.000 ton zand, puin en grind. Bij oorlogsdreiging zou de bodem worden opgeblazen (geploft) waarna de bak zou leegploffen in het kanaal en dat zou afdammen. Het is nooit gebruikt. Omdat sloop te duur was is het kanaal er omheen gelegd, toen het verbreed moest worden.
- Ik passeer de aansluitingen van de Houtense Wetering en de Schalkswijkse Wetering op het Lekkanaal. Beide kanalen werden ooit met een sluis afgesloten. Die van de Houtense is er niet meer, die van de Schalkwijkse nog wel. Het staat als objet trouvé (gevonden voorwerp) in een grote vijver, samen met een aantal kazematten. Het lijken wel een soort buitenaardse mastondonten, zo helemaal uit hun element.
- De Prinses Beatrissluis in 1938 heeft maar liefst drie sluiskolken (de derde is van 2015) en is de verbinding van Lekkanaal en Lek. De sluis werd geplaatst omdat de Koninginnensluis al in 1914 het scheepvaartverkeer niet meer aankon. Wachttijden bij het schutten konden oplopen tot 60 uur.
- Voorbij voormalig fort bij Vreeswijk kom ik bij een noodsluis. Toen de Oude Sluis al het scheepvaartverkeer niet meer kon verwerken en bouwvallig werd, is in 1815 een hulpschutsluis aangelegd, met waaierdeuren, waardoor de sluis ook belangrijk werd voor de innundatie van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en bleef bestaan.
- En dan kom ik in het centrum van het oude Vreeswijk met de Oude Sluis. Al in 1373 was op deze plek een schutsluis. Het huidige complex dateert uit 1824 en maakt een heel pittoreske indruk. Deze sluis was eeuwenlang eigendom van Utrecht, zo belangrijk was dit gebied voor Utrecht.
Ik probeer me voor te stellen hoe dat moet zijn geweest voor de bewoners van dit gebied. Altijd was er wel weer een noodzaak om een kanaal te graven of een sluiscomplex te bouwen. Het is een wirwar van waterwegen op de kaart, maar ook van namen, omdat sommige waterwegen onder meerdere namen bekend zijn. De bedrijvigheid in dit gebied volgde de aanleg van de waterwegen, tot het Lekkanaal met sluiscomplex werd aangelegd. Van het ene op het andere moment konden schepen vrijwel meteen doorvaren, door de grote dubbele sluiskolken. Weg was de economie van de stagnatie.
In 1971 werden Jutphaas en Vreeswijk samengevoegd tot Nieuwegein, een herinnering aan het vroegere Geyne, met als doel de groei van de bevolking op te vangen. Dit zorgde voor verstedelijking van het complete gebied tussen Vreeswijk en Jutphaas en erbuiten, de zoveelste keer dat een besluit verregaande gevolgen had voor de mensen die hier woonden.
Wat ik ook wel eens zou willen weten: hoe die gesprekken ooit zijn verlopen. Het Ministerie van Handel wil een kanaal extra, want de scheepvaart stagneert. Het Ministerie van Oorlog dat hiertegen in het geweer komt, want de Nieuwe Hollandse Waterlinie komt in gevaar. Het Ministerie van Financiën dat zuchtend de portemonnaie trekt…
Één bestuurder wil ik niet onvermeld laten. Begin 19e eeuw werd de Herenstraat langs het Merwedekanaal beklinkerd, als onderdeel van de hoofdroute tussen Parijs en Amsterdam. Opdrachtgever? Jawel, Napoleon…











