We zitten op de eerste rang, aan de oever van de Waal, picknickdekentje uitgespreid, zonnetje op ons bol, mooie wolkenpartijen aan de lucht en af en aan varende schepen op de rivier. We zien de radarpost en de toren van de Maartenskerk. Achter ons in de verte enorme sluistorens.

We zitten bij de ingang (of uitgang) van het Amsterdam-Rijnkanaal in de Waal. Dit kanaal is het drukst bevaren kanaal ter wereld. 100.000 schepen per jaar. 72 km lang is het en  onderdeel van de scheepvaartverbinding tussen Amsterdam en het Ruhrgebied in Duitsland.

In 1952 werd dit kanaal officieel in gebruik genomen. Het deel tussen Utrecht-Wijk bij Duurstede-Tiel werd nieuw gegraven, tussen Amsterdam en Utrecht werd het reeds bestaande Merwedekanaal gebruikt, e.e.a. volgens het Plan Mussert. Ja, die Mussert. Hij was in de jaren ’30 ingenieur bij Rijkswaterstaat, zodoende.

Het kanaal werd voorzien van diverse sluiscomplexen, waaronder de sluizen achter ons. De sluizen heten naar Prins Bernhard. Bij Rijswijk ligt de Prinses Marijkesluis, bij Wijk bij Duurstede ligt de Prinses Irenesluis. Het Lekkanaal dat op het Amsterdam-Rijnkanaal uitkomt heeft een Prinses Beatrixsluis. Prinses Margriet heeft een naamgenoot in Friesland en Juliana eentje in Rotterdam. Die zijn dus niet vergeten .

We lopen langs het kanaal richting de sluizen. Het zijn echt enorme gevaartes, zowel de sluis uit de jaren ’50 als de nieuwe uit de jaren ’70.

Met de fiets terug naar huis schieten we even langs de westelijke sluis om daar even een blik te werpen in de sluis. Er vaart een schip door, de sluisdeuren zijn continu open, zo laag staat het water.


Plaats een reactie