Stilte, rust: dat zijn de woorden die bij vandaag horen. We hebben nog nooit zo’n volstrekte rust meegemaakt tijdens het wandelen.

Het is de zoveelste zonnige en onbewolkte dag in deze maand Maart. Overal staan de magnolia’s in bloei. De witte bosanemoontjes stralen onder de bomen en overal horen we vogels. We zien (en horen) een grote zwarte specht hameren op een dode boom. En allerlei andere vogels laten zich horen en zien.

Na de buitenplaatsen van de afgelopen twee etappes komen we nu eindelijk bij de havezates en meteen maar de grootste: Twickel.

Huize Eysinck werd in 1347 aangekocht door Herman van Twickelo en al snel kreeg het huis de naam Twickel. Het huis bleef meer dan 6 (!) eeuwen in handen van de familie. Weliswaar hadden ze andere namen: Van Twickel, Van Raesfelt, Van Wassenaar Obdam, Van Heeckeren Wassenaar, maar dat kwam door huwelijken en overerving. In 1956 bracht de laatste barones het landgoed onder in een stichting, maar haar familie woont er nog steeds. Stel je voor: nu al bijna 7 eeuwen…

Het landgoed heeft een groot stempel de omgeving gedrukt. 1600 boerderijen op 6700 hectare behoorden tot Twickel. Aan de witte luiken met zwart omrand herkennen we de boerderijen.

In de omgeving van Delden liet de familie productiebossen aanleggen, waardoor het landschap veranderde. Ook liet graaf Carel midden 18e eeuw op eigen kosten een vaart graven van Delden naar de Regge. Vervoer over land was niet te doen wegens de slechte en modderige wegen. Het kostte hem 60.000 guldens, maar hij had dat in een mum van tijd terugverdiend aan tolgelden…

Het kanaal werd bevaren door zompen, eenmansbootjes, die met hun platte bodem makkelijk door het lage water konden varen. Wel was er soms weinig water en dan gingen de schippers een dam in de vaart leggen voor hun zomp, vervolgens verderop weer een dam. Dan staken ze dam voor hun zomp door en die werd dan door het opgestuwde water voortgestuwd. We proberen ons voor te stellen wat een gebeul dat moet zijn geweest…

Bij de Noordmolen stappen we ook terug in de tijd. Midden 14e eeuw werd deze gebouwd als een zogenaamde onderslagmolen. En met het typische vakwerk: zwarte balken, rode baksteen en zachtrode dakpannen.

We lopen een heel eind langs de Twickeler Vaart, dat één van de oudste kanalen van Nederland is. Door bossen, over zandpaden, langs mooie boerderijen. En de zon straalt!

Bij de Markenrichter zijn we bij de Twentekanalen aangekomen. Tijd voor een pannenkoek. De Markenrichter was vanouds de plek waar de marke Wiene recht sprak. Een marke was een middeleeuws collectief van de grotere boeren die binnen een gebied het gebruik van de gezamenlijke gronden reguleerden. Marke komt van een woord voor grens.

We steken twee Twentekanalen over en komen bij de havezates Wegdam en Weldam. We vragen ons af hoe vaak bezoek bij de verkeerde havezate heeft gestaan…

We hebben 2 of 3 auto’s gezien, een paar fietsers, wat wandelaars, een motor en een trekker. Maar nu is het gedaan met de rust. Vanaf Weldam lopen we langs een drukke weg naar station Goor, maar we gaan wel eerst langs Saint Mary’s Chapel, in 1900 gebouwd door de familie die op havezate Weldam woont. Daar is nog even rust…

Leuk weetje: Unico Wilhelm rijksgraaf van Wassenaar Obdam is in de 17e eeuw op Twickel geboren. Naast diplomaat en bestuurder was hij ook een zeer verdienstelijk componist. Zijn muziek wordt nog steeds uitgevoerd.


Plaats een reactie